Posts gesorteerd op relevantie weergeven voor zoekopdracht pbl. Sorteren op datum Alle posts weergeven
Posts gesorteerd op relevantie weergeven voor zoekopdracht pbl. Sorteren op datum Alle posts weergeven

maandag 10 oktober 2011

Je leert het met muziek

Er is veel onderzoek waaruit blijkt dat muziek een bijdrage kan leveren aan onderwijs. En het is dan ook niet voor niets dat er op veel scholen lekker gezongen wordt met de leerlingen. En dat creativiteit van belang is maar op scholen soms in de verdrukking komt: daar is ook weinig onenigheid over. Als je die twee zaken met elkaar wilt combineren, muziek en creativiteit, dan kom je al gauw uit bij muziek componeren. Dat lijkt ingewikkeld en ik ken dan ook weinig scholen waar kinderen hun eigen muziek componeren, maar met Isle of Tune, een nieuwe app voor de iPad, is dat wel mogelijk en verschrikkelijk leuk!

Isle of Tune is een 'spel' waarbij je wegen aanlegt waar je autootjes overheen kan laten rijden. Langs de wegen plaats je bomen, plantenbakken, huizen, verkeersborden en lantaarnpalen. Elk object koppel je aan een noot die op een instrument wordt gespeeld of een geluidseffect. Met bruggen kan je het autootje lang of kort laten stoppen. Wanneer het autootje langs een object rijdt, klinkt de toon die het object vertegenwoordigt. Zo kan je eenvoudige melodietjes laten klinken, maar ook (ingewikkelde) songs. Je kan één weg maken, maar ook een aantal wegen, en je kan één autootje laten rijden, maar ook een aantal autootjes tegelijkertijd.

Het is erg verslavend om met Isle of Tune te spelen. Noten lezen is een behoorlijk abstract iets: door een melodie weer te geven als een weg wordt het veel concreter. Daardoor maak je met deze app al gauw eenvoudige 'liedjes'. Ben je eenmaal zo ver dat je je eerste liedje hebt gemaakt, dan kan je van daaruit steeds nieuwe dingen/tonen toevoegen, al is het maar een tweede, gelijke weg waarmee het door jou gecomponeerde liedje ineens als canon te beluisteren is.

Ik zou kinderen graag met Isle of Tune laten werken. Ze kunnen er hun creativiteit en hun muzikaliteit mee ontwikkelen. Wil je Isle of Tune gebruiken voor de basisvakken, denk dan eens aan taal (poëzie) en aan rekenen. Hoeveel kwart-noten gaan er in een halve noot?? Je kunt Isle of Tune natuurlijk ook gebruiken om uit te leggen hoe geluid tot stand komt, en hoe de verschillende instrumenten geluidsgolven produceren. Je leert het met muziek!

p.s. Denk nu niet dat muziek maken met Isle of Tune alleen is weggelegd voor bezitters van een iPad. Het spel bestaat al veel langer op het web, dus iedereen kan ermee aan de slag!

donderdag 15 september 2011

In het diepe gegooid

Door: Martijn van den Berg
Afgelopen week heb ik meer geleerd dan welke week in mijn opleiding dan ook. Geen PBL of hoorcollege kan hier tegenop. Wat ik gedaan heb? Ik heb een week praktijk gelopen als front office manager. Vier shifts, ieder 8 uur, moesten mij in de eerste week leren hoe het is als manager en wat ik moest doen in die positie. Van tevoren wist ik niets over wat ik precies doen moest. Ik heb geen theorie gehad over wat ik nu precies moest doen. Ik kwam gewoon mijn eerste dag en begon.

Natuurlijk is praktijk lopen op het hotel van school geen vergelijking met het werken in een echt hotel. We zijn natuurlijk toch een leerhotel, waar het personeel voornamelijk bestaat uit leerlingen. Je bent onder medestudenten, wat een erg comfortabele werkomgeving geeft, en een van mijn grootste bezigheden was dan ook dat de eerstejaars leerden hoe ze fatsoenlijk de rol van een medewerker front office konden uitvoeren.

En toch voelde het erg echt. De tijdsdruk zorgde ervoor dat mijn dagen over het algemeen langer duurde dan die van mijn collega's. Ik moest alles af hebben voor ik weg ging. Ten slotte was ik eindverantwoordelijk voor de tijd dat ik manager was. Doordat er veel tegelijkertijd gebeurde, was het moeilijk om telkens het overzicht te houden. En dit zijn volgens mij wel dingen waar je als manager rekening mee moet houden. Daarnaast was het ook wel erg leuk om zo veel verantwoordelijkheid te hebben.

Ik geloof dat in uitdagingen goede leermomenten zitten. Als je iemand eens in de zoveel tijd boven zijn niveau laat werken, zal deze persoon creatiever worden, en harder gaan werken. Als je alleen maar dingen doet waar je toch maar weinig moeite voor doet, zul je nooit veel verder komen. Voorwaarde voor deze uitdagingen is overigens wel dat de uitdaging interessant moet zijn, en er enige soort van beloning in moet zitten. (welke in mijn geval was dat ik de hele afdeling kon runnen) Voor mij was het in ieder geval een ongelofelijke leerervaring. En dan mag ik nog vier weken. Ik heb er zin in!

donderdag 30 juni 2011

Het hbo op de schop

Door: Martijn van den Berg
Ik herinner me nog de eindexamens. Ik was bloednerveus, want ik stond er niet geweldig voor. Ik heb weken achter elkaar een één stuk door zitten leren, want ik moest en ik zou een voldoende halen voor alles. Ik ben erg blij dat dit over is. Of toch niet?

Naar aanleiding van een onderzoek op alle HBO scholen in Nederland, bleek dat bij 15 van de 1200 opleidingen diploma's afgegeven werden die niet HBO waardig waren. Het kabinet was hiervan zo geschokt, dat ze direct maatregelen hebben genomen. Er komen onder andere centrale examens op kernvakken en de controle op hbo-instellingen wordt verscherpt.Ik ben gevleid dat het kabinet laat zien dat ze het beste met ons voor heeft, maar ik ben toch een beetje sceptisch.

Ik vond het destijds vreselijk om centraal examen te moeten doen. Niet alleen omdat het zo als zo moeilijk werd beschouwd, maar ook de grote ophef eromheen. Dat soort dingen werd je een half jaar mee doodgegooid, waarna je knetterzenuwachtig was, om vervolgens voor een examen te zitten, waarvan je bij een groot deel al niets in kon vullen, omdat het je op een totaal andere manier geleerd werd. Studenten scoren over het algemeen onder hun kunnen op dit soort toetsen.

Ik ben naar Leeuwarden gegaan omdat ik dit een prachtige school vind. Leeuwarden heeft echt een eigen identiteit. Niet alleen als stad, maar ook Stenden heeft een eigen karakter. Er wordt les gegeven door middel van PBL, en de toetsen zijn echt karakteristiek voor deze school. Daarnaast word er continu gekeken hoe de school verbeterd kan worden, en zo ook de toetsen. Ik ben bang dat we dit gaan kwijtraken als er centrale toetsen zijn. Dan komt iemand, die compleet niets van de school weet, zeggen dat je het onderwijs moet aanpassen aan een bepaalde toets. Weg eigen identiteit. Weg unieke kennis die ik alleen op mijn school op kan doen.

Ik vind het goed dat men het onderwijs wil verbeteren, en de controles vind ik dan ook prima. Maar ik vind centrale toetsen geen oplossing. Het werkt in de praktijk niet goed als het op grote schaal gebruikt wordt. Daarnaast verlies je op deze manier het stukje extra dat elke opleiding heeft. De specialisatie waarom mensen net iets verder kijken voor een school. En dit zou ik heel erg jammer vinden.

dinsdag 29 maart 2011

Probleemgestuurd onderwijs

Een vorm van onderwijs die mij erg aanspreekt is PGO, oftewel probleemgestuurd onderwijs. Totdat Martijn op Stenden ging studeren was het een onderwijsvorm waar ik wel eens van had gehoord, maar ik was er nog nooit mee in aanraking gekomen. Maar met alles wat ik er (via Martijn) over zie, hoor en lees, word ik er enthousiaster over.

Voor degenen die deze vorm van onderwijs niet kennen: bij probleem gestuurd onderwijs krijgen leerlingen een realistisch probleem voorgeschoteld waar ze met de groep een oplossing voor moeten zoeken. In een onderzoek van Constance Dutmer, Wieneke Maris en Annelies Visser worden de volgende 6 karakteristieke elementen voor PGO benoemd:
  1. studenten krijgen een probleem voorgelegd waarover nog niet eerder de theorie is besproken,
  2. het probleem dat wordt voorgelegd is levensecht,
  3. omdat levensechte problemen zich zelden binnen één vakgebied afspelen, moeten binnen het curriculum vakoverstijgende verbanden gelegd worden,
  4. leerlingen werken in groepen aan het zoeken van de beste oplossing voor het probleem,
  5. het onderwijs is vooral leerlinggestuurd: de leerling wat wanneer en hoe er geleerd wordt,
  6. er is veel aandacht voor probleemoplossend en kritisch analytisch denken.
De leerlingen moeten de beste oplossing zoeken voor het probleem dat ze voorgelegd krijgen. Dat doen ze in 7 stappen:
  1. eerst wordt gekeken of iedereen het probleem goed begrijpt en iedereen de terminologie begrijpt,
  2. vervolgens wordt gekeken welke problemen opgelost moeten worden;
  3. daarna gaan de leerlingen mogelijke oplossingsrichtingen benoemen;
  4. op basis van 2 en 3 wordt het probleem geanalyseerd,
  5. de leerlingen formuleren daarna hun leerdoelen;
  6. daarmee gaan de leerlingen individueel aan de slag door de benodigde informatie te verzamelen;
  7. In de groep wordt vervolgens het resultaat van het individuele werk van de groepsleden besproken en gezamenlijk wordt besloten op welke manier het voorgelegde probleem aangepakt zou moeten worden.
Het zal duidelijk zijn dat het geven van probleemgestuurd onderwijs veel voeten in de aarde heeft. Het bepalen van de probleemstelling vraagt een nauwgezette voorbereiding. Tijdens het proces heeft de docent (in het PGO vaak aangeduid als tutor) vooral een coachende taak. Er moeten afspraken gemaakt worden tussen de groepsleden over hoe ze met elkaar willen samenwerken en als de groep aan de slag is moet de tutor door het stellen van vragen de voortgang monitoren en de leerlingen stimuleren impliciete kennis expliciet te maken en om actief en diepgaand met de leerstof aan de slag te gaan.

Probleemgestuurd onderwijs vindt vooral plaats in het hoger onderwijs. In het basis en voortgezet onderwijs wordt het wel eens ingezet in projectweken, maar daarbuiten slechts zelden. Gezien de complexiteit van deze onderwijsvorm en de eisen die het stelt aan het werk van de docent en de leerling, vind ik dat niet vreemd. Maar ik vind het wel jammer, omdat ik denk dat deze vorm van onderwijs wel veel voordelen biedt.

Onderstaand een filmpje hoe Stenden invulling geeft aan PGO.

Afbeelding van Coloriamo la città, gepubliceerd onder CC-nc-nd.

donderdag 22 april 2010

PBL: de praktijk en wat er mis kan gaan

Door: Martijn van den Berg
Driekwart jaar praktijkervaring met PBL heb ik. En niet zo maar praktijkervaring. Ik heb mijn eigen tactieken ontwikkeld. Tactieken waarmee ik hoge punten kan scoren. Tactieken waarmee ik de groep kan helpen verder te komen in het proces van kennisvergaring. Tactieken om een PBL sessie te veranderen.

Allereerst begin ik met het grootste voordeel en nadeel van PBL. De leraar die erbij zit. Iedere leraar is anders, dus binnen een moduul kan het zijn dat twee verschillende leraren bij verschillende groepen totaal een andere strategie hebben van PBL geven. De een is bijvoorbeeld meer betrokken bij het proces, en de ander laat het graag over zich heen komen. De verwachtingen zijn ook verschillend bij iedere leraar, en zo ook helaas de punten.

Als leerling zul je hierop in moeten spelen. Iedere leraar heeft een bepaald beeld van een ideale PBL leerling. Aan jou de taak om uit te vinden hoe je dit bent. Moet je bijvoorbeeld op de achtergrond blijven en alleen aanvullingen maken of moet je iedere keer direct de leiding nemen? Moet je veel informatie onthullen of slechts de groep inspireren door een tipje van de sluier op te lichten. Allemaal aspecten die je in overweging moet nemen.

Een ander groot probleem zijn de dominante mensen in een groep. De mensen die bij iedere vraag meteen een perfect antwoord geven en geen kans meer laten aan de andere mensen in de groep, het zij de iets meer verlegen mensen. Je mag passief zijn in een groep, maar verlegen is zeker een niet aan te raden kwaliteit. Dominante mensen zijn niet tegen op te boksen. Je kunt ze slechts veranderen door ze te confronteren met hun gedrag. Immers, twee dominante mensen draait vaak uit op een verbale ruzie.

Dit was mijn serie blogjes over PBL. Ik hoop dat ik iedereen genoeg heb kunnen informeren over PBL. Ik vind het zelf een originele manier van leren, alhoewel veel leerlingen het niet de meest prettige manier vinden. Niet iedere module is PBL leuk, af en toe is het bikkelen. Maar uiteindelijk is toch mijn ervaring dat het wel werkt.

donderdag 15 april 2010

PBL; strategieën en tactieken

Door: Martijn van den Berg
Ik denk persoonlijk dat PBL (PGO in het Nederlands) effectiever is dan alleen hoorcolleges. Mensen leren er meer van dan de vele manieren en wanhopige pogingen die op de middelbare school gebruikt worden om mensen bij te spijkeren. Maar om goed te kunnen leren van PBL, zul je eerst duidelijk moeten weten hoe het in elkaar zit. En dit is iets waar veel mensen een trage start mee maken. Maar dit is niet erg, want die trage start maak je met z'n allen.

Je persoonlijke doel is om zo veel mogelijk punten te scoren iedere sessie. PBL is ten slotte een groot deel van je totaal aantal punten in ieder moduul. Daarnaast is het doel van PBL om coöperatief nieuwschierigheid op te wekken en hier samen van te leren. Nu gaat het er in de praktijk er vooral om dat iedereen zo hoog mogelijk wil scoren.

Vreemd genoeg ligt de basis van een goede score vaak niet aan de hoeveelheid en kwaliteit van de informatie die je meebrengt. Als je deze informatie niet uitspreekt, heb je er niets aan, want dan kan je niemand overtuigen van je voorbereiding. Het beste zal zijn als je goede informatie hebt van betrouwbare bronnen, en dit goed in je eigen woorden weet samen te vatten in de sessie. Daar zou je volgens het principe van PBL de meeste punten mee krijgen. Wat het in de praktijk vaak is, is dat diegene die het meeste praat, en daarbij het meest wijs over komt, de meeste punten krijgt.

Ik moet eerlijk toegeven, ben een van dit soort mensen. Mijn bronnen zijn vaak praktijkervaring en internet, terwijl leraren graag hebben dat ik boeken gebruik. Ik heb meestal wel een goed idee waar alles over gaat, en maak vaak een goede indruk door dit met enige zelfvertrouwen te vertellen.

Ik ben heel eerlijk, er zijn genoeg mensen die meer tijd besteden aan de voorbereiding, betere andwoorden hebben, maar wel minder punten krijgen omdat ze hun eigen informatie niet uitspreken, of niet weten waar ze moeten beginnen met samenvatten. Dit veroorzaakt verschillende groepssituaties. De dominante mensen zijn vaak de mensen die veel zeggen, maar niet veel informatie bijdragen aan het groepsproces. Deze worden dan ook het meest gevreesd. De ideale PBL groepsgenoot is diegene die luistert, en waar nodig iets toevoegt. Dit zijn drie vormen van PBL strategieën. Afhankelijk van de combinatie van dit soort mensen, zal het proces van de groep beïnvloed worden. Soms gaat dit het resultaat te goede, soms eindigt dit in verbale gevechten, of gewoon lange stiltes.

donderdag 8 april 2010

PBL 1: Basisvaardigheden





















Als iemand bij Stenden op school wil, bij een opleiding waar meer mensen zich aanmelden dan er plaats is, wordt er selectie gedaan. Een selectie bij mij op school bestaat meestal uit drie onderdelen. De klassieke intelligentietest, het persoonlijkheidsgesprek en als laatste de groepsopdracht. Vooral de groepsopdracht is wat mijn school uniek maakt ten opzichte van andere scholen. Dit is omdat de vorm van lesgeven op school uit PBL bestaat.

Ik heb in een van mijn eerste blogjes dit jaar al een basisuitleg gegeven over PBL. Ik heb daar het hele jaar al wat dieper op in willen gaan. PBL is tenslotte de manier waarop ik in mijn dagelijkse studie les krijg, naast de workshops en hoorcolleges. Daarom schrijf ik een serie van drie blogjes over PBL de komende drie weken. Vandaag zal ik de basisprincipes uitleggen, de volgende keer ga ik in op strategieën en tactieken, en in mijn laatste blogje zal ik uitleggen hoe dit in de praktijk gaat en wat er mis kan gaan.

PBL staat voor Problem Based Learning, en handelt direct het probleem af waar je in de middelbare school altijd moest vragen waar de kennis die je opdeed nu in de praktijk voor diende. In bovenstaand schema wordt het proces weergegeven.

Het begint allemaal met het probleem: een veelvoorkomend probleem in de praktijk. Met de groep wordt geanalyseerd wat nu precies de kern van het probleem is door het maken van een probleemstelling, en vervolgens wordt er vastgesteld welke kennis nodig is om dit probleem op te lossen in de vorm van vragen. Iedereen gaat vervolgens thuis antwoorden opzoeken op deze vragen. Dit gebeurt meestal in boeken, maar er kan bijvoorbeeld ook praktijkervaring van anderen toegepast worden, en goede internetbronnen zijn ook toegestaan. Ten slotte wordt de volgende sessie deze antwoorden besproken om uiteindelijk tot een oplossing voor de probleemstelling te komen. Iedereen wordt iedere sessie geëvalueerd op individuele contributie in de groep, en iedere vier sessies wordt iedereen geëvalueerd op het verantwoording dragen voor het groepsresultaat.

Een PBL sessie kent een voorzitter, een notulist en een bordschrijver. De rest is groepslid. De voorzitter leidt het geheel, om iedere sessie to the point en gestructureerd te houden, zodat de groep niet afdwaalt. De notulist houdt bij wie er absent is, wat de probleemstelling is, wat de leerdoelen zijn en maakt de agenda voor de volgende sessie en ten slotte de bordsschrijver schrijft tijdens de het analyseren alle relevante dingen op het bord.

Dit is de totale basis van het PBL, en nodig om het geheel te begrijpen. Ik ben nu driekwart jaar bezig met PBL. Genoeg om in ieder geval te begrijpen hoe het er aan toe gaat. Volgende keer ga ik in op de verschillende strategieën die ik door de verschillende modules geleerd heb met PBL. Ik begin net met de laatste moduul, en ik ben iedere week dus weer wat praktijkervaring rijker.

donderdag 25 maart 2010

Homogeen en toch gedifferentieerd?

Door: Martijn van den Berg
Deze titel bedacht ik mij na het maken van mijn economie huiswerk. In mijn theoriemoduul heb ik tot nu toe bijna niets hoeven doen. Ik heb veel kennis al van de middelbare school of van mijn algemene kennis. Nu zou je denken dat behalve in Engels, alle VWO mensen hetzelfde idee zouden moeten hebben, maar dit is niet zo. En dit verbaast mij, aangezien mijn slagingscijfers alles behalve denderend waren.

In mijn school zijn veel mensen van verschillende opleidingen. Van middelbare school tot mbo. We hebben ook vele verschillende nationaliteiten, voornamelijk Chinees en Duits. Omdat deze allemaal van zeer verschillende opleidingen komen, met elk een andere focus en specialisatie, is gekozen om het eerste jaar simpel te houden. Je leert de basiskennis, die mensen gedeeltelijk vaak al hebben door ervaring in de horeca, en daarnaast wordt er les gegeven in de vakken van het laatste examenjaar van de middelbare school. Waar ligt het grote verschil dan?

Het grote verschil ligt hem denk ik vaak in hoe graag je de informatie wilt delen. Bij mijn school is leren vaak niet gebaseerd op hoe veel je weet, maar hoe veel je wilt delen. Bij de belangrijkste lesvorm, PBL (blogjes daarover volgen nog) kan je wel veel op papier hebben, maar als je stil bent, komt het niet over. In de hoorcolleges ben ik vaak de bijdehante bijdrage die veel opmerkingen maakt en vraagt in de les, die verantwoording neemt voor de groep.

Daarnaast geloof ik er ook in dat ieder zijn eigen interesses heeft. Zoals ik vaak veel kan vertellen over recht in horeca en economie, zo hoor ik andere mensen zo geïnteresseerd over onderwerpen als computers of sporten. En alhoewel ik af en toe twijfel als mensen andere interesses hebben dan de stof die de opleiding aanbiedt of ze dan wel deze opleiding moeten doen, is het prachtig om af en toe deze interesses te delen. Daar leren we tenslotte allemaal van.

donderdag 15 oktober 2009

Onze kleine-huisjescultuur

Door: Martijn van den Berg
Tijdens PBL (problem based learning), dwalen we wel eens af naar andere onderwerpen. Zo ook deze keer, toen we over cultuur aan het praten waren. Uiteindelijk vroegen we een van de internationale studentes wat haar opviel aan de Nederlanders. Het antwoord was dat wij zo erg van het leven genieten, en heel erg veel buitenshuis zijn. Verklaring hiervoor gaf ze als volgt: “Nederlanders leven in veel kleinere huisjes dan andere landen, en daarom moeten ze wel naar buiten, anders vervelen ze zich gewoon.”

Ik ben het eens met de uitspraak, maar ik denk dat een andere verklaring logischer is. Ik denk ook dat deze uitspraak meer voor studenten geldt dan voor volwassen mensen, aangezien volwassenen meestal een heel erg uitgezet leven hebben. Mijn verklaring luidt als volgt:
“De studiecultuur in het buitenland is anders. In het buitenland studeert men het meeste in de vrije tijd, en zijn de tijden waarop men sociale activiteiten uitvoert meer vastgezet”.

Het bewijs voor mijn verhaal vind ik in de redenen waarom ik niet in het buitenland wilde studeren, en in de dingen die ik in het dagelijks leven zie hier in Leeuwarden. We gaan chronologisch vandaag, dus ik begin bij waarom in niet in het buitenland wilde studeren. Ik was namelijk bang voor wat ik daar zou aantreffen. Ik ben gewend heel erg vrij te zijn in wat ik met mijn studie doe, en in het buitenland kan dit dus alleen maar achteruit gaan.
Het tweede bewijs voor mijn verhaal vind ik in de studenten die hierheen komen om te studeren. Ik zie dat veel studenten die hier komen en uiteindelijk langzaam inburgeren in onze cultuur, heel erg genieten van de eindeloze vrijheid door hier gigantisch veel uit te gaan, feestjes te geven. Dit is al vaak genoeg mis gegaan met de verscheidene uitwisselingen met het buitenland die ik ondergaan heb, doordat studenten zich iets te vrij voelden.

Ik ga niet zeggen welke cultuur beter is. Dat hangt er heel erg vanaf waar je opgegroeid bent, en wat je interesses zijn. Ik ben blij dat ik hier leef, alhoewel ik het erg interessant had gevonden om dit in een andere cultuur te proeven. Uiteindelijk gaat het er vooral om dat je je comfortabel voelt in de cultuur waar je in leeft.

donderdag 15 januari 2009

Fallout 3; Washington, maar dan net anders

Door: Martijn van den Berg
Massavernietigingswapens, en dan bedoel ik vooral die hele grote die we atoombommen noemen. In de koude oorlog was iedereen er bang voor. De scenario's die velen toen vreesden zijn daar en op dat moment geen bewaarheid geworden, in ieder geval niet in het westen. Zou er in Amerika een atoombom zijn gevallen dan zou de wereld er heel anders uit hebben gezien. Maar ik zou totaal geen idee hebben hoe. Bijvoorbeeld een grote stad als Washington, als daar een atoombom zou vallen, zouden er dan nog mensen leven? De mensen van Bethesda hebben hun fantasieknop omgedraaid en hebben een game gebouwd waarin je Washington kan bekijken, maar dan na een atoomaanval. En het spel hebben ze Fallout 3 genoemd.

Ik had het spel gekocht vanwege de goede recensies in gametijdschriften en op zich zag het er wel leuk uit. Je begint het verhaal, in een vault, een ondergrondse atoombunker, en vanuit daar ga je op een gegeven moment de wijde wereld in. En de wereld is wijd. Heel Washington is realistisch nagebouwd, alleen zijn er dan een hoop gebouwen vernietigd of beschadigd. Geld is waardeloos geworden en men betaalt alleen nog met dopjes van colaflessen. Zonder wapen overleef je niet want overal lopen gemuteerde wezens rond die door de straling hun natuurlijke vorm verloren zijn. Er zijn een paar veilige plaatsen, en dit zijn meestal ingenieus gebouwde stadjes.

Fallout is de literatuur van de games. Overal zitten verwijzingen naar dingen uit onze wereld. Zo is er een missie "The Nuka Cola Challenge" die verwijst naar een reclamecampagne van Coca Cola tegen en kom je iemand tegen genaamd "George Lincoln" die wil dat je de onafhankelijkheidsverklaring terug haalt. De fantasie erin is groot, maar toch heeft het een heel erg realistisch gevoel. En de beelden zijn geweldig.

De wereld is zo groot, en je bent zo vrij, dat zelfs als je alle missies hebt uitgespeeld, je nog lang bezig bent om dingen te verzamelen en nieuwe plaatsen te ontdekken. Het verhaal is zeker de moeite waard om uit te vinden, want het relateert zich mooitot het heden. En als je dat niet interesseert, is er altijd nog de uitdaging om alle supermutanten om zeep te helpen. Kortom, genoeg te doen!