vrijdag 21 december 2007

De laatste uren voor de kerstvakantie

De laatste lessen voor de vakantie. Volgens mij is iedereen moe: de docent, de leerlingen en ook deze blogger ;-) Daarom deze keer niet een heel uitgebreide post maar een kleintje met wat linkjes naar sites met (hopelijk) leuke dingen voor de laatste les of de vakantie.

Voor de talen zou je een laatste les kunnen vullen met Bookworm van Zylom. Er zijn verschillende versies, o.a. Frans, Engels, Nederlands en Spaans.

Wie scheikunde heeft zou de laatste les kunnen besteden aan het maken van een lied of een rap met daarbij een animatie waarin alle elementen van het periodiek systeem voorkomen. Een voorbeeld hoe dat zou kunnen klinken en eruit zou kunnen zien vind je hier.

Ouderwets rond de tafel zitten met een Vikingspel dat je gratis kunt downloaden kan gezellig zijn. Als je het vertaalt kun je het in januari in de klas gebruiken.

Ik hoop zelf Twister te gaan spelen op mijn dansmat. Verder ga ik vast en zeker nog wat met de Wii aan de slag en misschien ga ik nog naar de winkel om een spel voor de DS te kopen, bijvoorbeeld PuzzleQuest. Alles natuurlijk voor het goede doel: om ervan te leren ;-)

Prettige vakantie allemaal, een heel fijne kerst en een goed begin van het nieuwe jaar!
Tot ziens

donderdag 20 december 2007

Ambulanssi; afgaan is leuk!


Ik had al een hele tijd helemaal geen enkel spel kunnen vinden of de tijd opbrengen om een spel met mijn moeder te spelen. Dit klinkt waarschijnlijk vrij raar in de oren van sommige mensen, en misschien is het dat ook maar het is af een toe eens gezellig om samen even een spelletje te spelen. Zo kreeg mijn moeder van een collega de tip om eens te kijken naar een spel waarvan zij de beelden wel leuk er uit vond zien maar ze snapte niets van de besturing; Ambulanssi. En dat terwijl zij een rijbewijs heeft en ik niet.

Iedereen kent vast wel de laatste reclame van centraal beheer Achmea met de Finse ambulansebestuurders die opeens een gloednieuwe ambulance krijgen. In het spel ben jij de bestuurder van deze ambulance en je moet zorgen dat de parkeermeter niet op hol slaat zodat de ambulancemedewerker achter je niet denkt bij het horen van de parkeersensoren dat de patient een hartstilstand heeft. Besturing is simpel, links of rechts ingedrukt houden is al wat nodig is om te sturen. Doel is heelhuids bij het ziekenhuis te komen, zonder dat de parkeersensoren af gaan.

Dit is niet zo makkelijk als het lijkt. Je moet continu op tijd sturen, anders rijd je de verkeerde richting op, en kan je verkeerschaos veroorzaken. Dit zorgt ervoor dat je vaak zeer veel keren op hetzelfde straatje terecht komt. Maar het spel is neit het leuke hiervan, het is het afgaan dat leuk is. Telkens als je parkeermeter op hol slaat krijg je een filmpje van hoe de patient iedere keer geëlektrocuteerd wordt. Hierna begin je weer overnieuw, en dan kan je blijven proberen tot je uiteindelijk bij het ziekenhuis aankomt. (alhoewel mij dat niet is gelukt) Leuk spel, zeker als je niet speelt om het spel uit te spelen en ook weer goede promotie voor achmea.

woensdag 19 december 2007

Scheikunde

Naar het Robot-spelScheikunde was niet mijn favoriete vak op de middelbare school. Ik snapte niet waar het om ging en nog minder waarom het belangrijk was. Dat was misschien anders geweest als ik destijds dit spel had mogen spelen: Robot Constructor.

In Robot Constructor moet je met een zelfgemaakte robot goudklompjes verzamelen die verspreid liggen op een route. Je robot moet opgewassen zijn tegen allerlei obstakels zoals hitte, water, oplosmiddelen en elektriciteit. En natuurlijk moet hij voldoende energie hebben of onderweg genoeg energiebronnen vinden om zichzelf op te laden. Je kunt een voorgedefinieerde route lopen met je robot, maar je kunt ook zelf een route maken. Die routes kun je online delen met anderen zodat je anderen kunt uitdagen om jouw route te lopen.

In Robot Constructor komen allerlei scheikundige stoffen aan bod en hoe die stoffen op elkaar reageren. Bij het samenstellen van een route en het maken van de robot krijg je uitleg om welke stof het gaat en wat die stof doet met andere stoffen. Het spel is Engelstalig en je zou de leerlingen bij het spel een woordenlijstje kunnen geven waarin de moeilijkste woorden vertaald worden. Maar ik denk dat de taal voor de meeste leerlingen weinig problemen op zal leveren en dat ze er zonder problemen mee aan de slag gaan. Om zelf robots te maken en kant-en-klare routes te lopen maar vooral om routes te maken en elkaar uit te dagen om hun route te lopen.

N.B. De site werkt het best in Internet Explorer.

dinsdag 18 december 2007

Laatste kans: wie bedenkt de beste geschiedenisles?

Afgelopen week kreeg ik een mailtje van Anno met het verzoek of ik een berichtje over de prijsvraag 'Les van het jaar' op mijn weblog wilde plaatsen. Dat doe ik graag: ik ben een grote fan van het werk van Anno en ik hou erg van prijsvragen in het onderwijs omdat die de kans bieden om te laten zien dat het niet alleen kommer en kwel is in het onderwijs maar dat daar ongelooflijk veel leuke dingen gebeuren. Het prijzengeld dat gewonnen kan worden creëert weer nieuwe mogelijkheden, bijvoorbeeld voor een project dat je graag wilt uitvoeren met de leerlingen of een excursie met de docenten van je sectie om de eigen horizon te verbreden.


Bericht van Anno

Maakt uw klas de beste geschiedenisles van 2008? Anno daagt u uit met de derde Les van het Jaar prijsvraag. De leukste manier om uw leerlingen nóg enthousiaster te maken voor geschiedenis en om creatief met verschillende onderwerpen aan de slag te gaan. Stuur samen met uw klas uw idee in voor 16 januari 2008 en maak kans op hoofdprijzen van € 5000,-, € 4000,- of € 3000,- voor de vaksectie geschiedenis. De winnende lessen worden ook gedidactiseerd en digitaal beschikbaar gesteld. Voor meer informatie kunt u kijken op www.lesvanhetjaar.nl. Anno organiseert de Les van het Jaar in samenwerking met de VGN en SLO.


Om mee te doen moet je met de leerlingen een plan maken voor een geschiedenisles. Dat hoeft niet veel tijd te kosten en het lijkt me een prima invulling van de laatste les voor de vakantie. Leuke plannen maken wat je gaat doen in januari is een goede manier om afscheid te nemen van het oude jaar en tegelijkertijd alvast enthousiasme te kweken voor wat na de kerstvakantie gedaan gaat worden. Het plan moet ingediend worden vóór 16 januari. Als je inzending genomineerd wordt, moet je tussen januari en april 2008 van het lesvoorstel een echte les én een presentatie maken. Maar dat zal niet moeilijk zijn: omdat iedereen bij het ontwerp van de les betrokken is èn er een leuke prijs te winnen is, zal het enthousiasme om de les uit te voeren groot zijn.

Van harte aanbevolen dus!

maandag 17 december 2007

Maak een samenvatting op video

Naar de verfilming van celbiologieWeer zo'n leuke manier om kennis te verwerken: maak er een videofilm van!

Op de site van One True Media vond ik een prachtige verfilmde samenvatting van een biologieles over celbiologie of cytologie. Het lijkt me een geweldige opdracht: maak een verfilmde samenvatting van de les. Als je zo'n film hebt gemaakt dan weet ik zeker dat je de essentie van de stof te pakken hebt. De opdracht zou ingezet kunnen worden als een toets of om een eerder gehaald cijfer te verberen. Geen opdracht die voor iedereen is weggelegd maar er zullen zeker leerlingen zijn die hiermee aan de slag willen gaan.

Voor de aardigheid zet ik er hier een paar andere plekken om over celbiologie te leren bij:
Wikipedia over celbiologie
Bioplek; een schema met daaraan gekoppelde animaties
een virtuele cel (van de University of Illinois)
Biologieweb
Animatie mitose (van EduAnim)
How Stuff Works over cellen.

Ik zal niet zeggen dat de ene manier beter is dan de andere want ik denk dat je dat zo niet kunt zeggen. Maar ik ben er wel van overtuigd dat met zo'n breed aanbod je elke leerling kunt laten leren op de manier die bij hem past. En als leerlingen zelf animaties of films van de lesstof maken, dan heb je voor het volgend jaar weer prachtig nieuw lesmateriaal!


vrijdag 14 december 2007

CSI in de les

Naar de siteBiologie? Dat is saaaaaai! En erfelijkheidsleer met al die toestanden over chromosomen. Brrr! Dat veel leerlingen niet staan te wachten op een verhandeling over cellen, bloed en erfelijkheid, dat realiseert Schooltv zich ook. Ze hebben daarom gezocht naar een spannende context om dat verhaal te kunnen vertellen en dat is ze gelukt met de bloedstollende crimi 'Wie is de dader'?

De crimi is in feite een serie lessen over het menselijk lichaam: organen, cellen, huid, bloed en erfelijkheid, bestemd voor de onderbouw havo/vwo. De lessenserie bestaat uit 3 televisie-afleveringen, een spel en een aantal opdrachten. Alles is inmiddels (de tv-afleveringen zijn in maart/april uitgezonden op televisie) te bekijken op internet.

De leerling moet zelf onderzoeken verrichten en de juiste conclusies trekken uit de gevonden aanwijzingen om dader en motief van de moord te achterhalen. Makkelijk is dat niet: je moet niet alleen verstand hebben van biologie, maar ook heel goed logisch kunnen redeneren om de moordenaar aan te kunnen wijzen.

Schooltv noemt deze crimi een spel. Dat ben ik niet met ze eens omdat ik vindt dat een aantal cruciale elementen van een game niet aanwezig zijn. Er is namelijk geen echte competitie in het spel: niet tegen jezelf noch tegen de computer. Er is namelijk steeds maar één antwoord mogelijk en er is ook geen sprake van het verbeteren van je eigen vaardigheden. Je vindt de moordenaar wel of je vindt hem niet, en dat is toch wat anders dan een spel waarin je je auto steeds iets sneller laat racen en/of jezelf steeds beter positioneert ten opzichte van anderen.

Maakt dat wat uit? Nee, wat mij betreft niet. 'Wie is de dader' vind ik een enorm aansprekende manier van biologie-onderwijs. Aansluitend bij wat leerlingen interessant vinden en tegelijkertijd ook authentiek. Niet alle stof in één keer bestuderen maar 'just in time' en 'just enough': steeds op het goede moment genoeg informatie om de raadsels op te kunnen lossen. Een mengsel van bestuderen en zelf onderzoek doen. En dat alles voorzien van tekst, beeld en geluid.

Schooltv maakt het docenten verder makkelijk om in de les met het materiaal aan de slag te gaan door een docentenhandleiding aan te bieden waarin o.a. lessuggesties staan en toetsvragen bij de thema's.

Op deze manier wordt lesgeven wel heel erg leuk ;-)

N.B. Nog een aanvullende tip: als je leerlingen in groepjes de moord laat oplossen kun je ze eerst individueel conclusies laten trekken uit de onderzoeken en ze daarna vragen in kleine groepjes hun ideeën met elkaar te delen. Daarvoor zou je gebruik kunnen maken van de placemat-methode waarbij je een vel papier verdeelt in één vak in het midden en ca. 4 vakken eromheen. Meer tips voor samenwerkend leren vind je in deze brochure.







donderdag 13 december 2007

Assasins creed; freerunning ultimate!


Een tijdje geleden, 15 november om precies te zijn kwam na lang wachten de game Assasins creed uit. Deze game (behalve het feit dat het gewoon een heel goede game leek) leek me eigenlijk ook wel educatief omdat het niet alleen in de tijd van de kruistochten speelt, maar ook op historische feiten gebaseerd is. Toen ik het spel kocht, zag ik niet alleen dat het een tikkeltje gewelddadig was, maar ook dat het het derde 18+ spel was dat in mijn kast mocht staan. Driemaal is scheepsrecht dus tijd voor een review.

In Assasins Creed ben je een sluipmoordenaar uit het jaar 1191. Natuurlijk hadden ze toen nog geen snipers of modern gif dus moet hij maar improviseren. Je hebt een zwaard, een mes, je kan mesjes op je vijanden gooien en als klap op de vuurpijl heb je aan de binnenkant van je handpalm ook nog eens een verborgen zwaard zitten dat je uit kan schuiven om zo mensen onopgemerkt te doden met een "knuffel des doods".

Het spel speelt zich af tussen de steden Acre, Damascus en Jeruzalem, waar je vrij doorheen kan lopen om je missies uit te voeren. Je ultieme doel is alle tempeliers uit te schakelen. Je thuishaven is Masyaf, vanwaar je van je meester opdrachten krijgt. Je voert missies uit door eerst informatie te vinden over je slachtoffer over waar je hem onopgemerkt kan pakken, en vervolgens je slag te slaan. Informatie zoeken doe je op verschillende manieren. Je kan dit doen door mensen af te luisteren, mensen net zo lang te slaan totdat ze je info geven, zakkenrollen en er zijn ook speciale informantmissies waarbij je informatie krijgt als je een paar targets uitschakelt.

Eerste indruk van het spel: toppie. De spelwereld is zo groot en vrij en als je dan op een van de zogenaamde "view points" staat, waar je net met veel moeite op bent geklommen en dan om je heen kijkt heb je net het gevoel dat je een adelaar bent. Om vervolgens met een snoekduik naar beneden te duiken in een hooiwagen met een zogenaamde "leap of faith" bevestigt dat ultieme gevoel van vrijheid. Je kan werkelijk overal op klimmen en van dak naar dak springen als een soort gigantische kat.
Enige twee minpuntjes zijn dat het spel in de herhaling valt omdat ieder doelwit op dezelfde manier uitgeschakeld word: informatie winnen en dan vermoorden en tweede minpuntje is dat het spel niet echt lang duurt. (Tenzij je natuurlijk alle 500 vlaggen wilt verzamelen) Dat is wel jammer als je bedenkt dat ze al zijn begonnen met dit spel lang voor de xbox 360 uit was. Ik vind de game wel educatief, omdat het je wel een mooi inzicht geeft hoe de steden er uit zagen en wie daar allemaal leefden en hoe dingen daar vroeger aan toe gingen. Enige probleem is dat het spel officieel 18+ is. Maarja, zoals de sluipmoordenaars dat zeggen: "nothing is true, everything is permitted".

woensdag 12 december 2007

Leerlingen bouwen games

Download hier het boekjeMet een klein beetje trots maak ik hier melding van een boekje waaraan ik een bijdrage heb geleverd en dat kort geleden is verschenen in het kader van het project Groeien door Games.

Het bouwen van educatieve games is een manier om gaming in het onderwijs op de kaart te zetten. Ik heb nu al weer zo'n twee jaar geleden de pilot voor de wedstrijd Make-a-Game neergezet en ik heb toen wel gemerkt dat het enthousiasme voor het bouwen van educatieve games als onderdeel van de leerstof groot is, maar dat de valkuilen diep zijn. Het grootste probleem is niet het werken met de software: je kunt games maken met heel eenvoudige, intuïtieve software en bovendien zijn veel leerlingen in staat om zich (eventueel met de hulp van mede-leerlingen) de wat meer complexe software eigen te maken. Ik denk dat een groter probleem is dat leerlingen noch docenten over het algemeen veel ervaring hebben met het vorm geven van het hele (creatieve) traject van het bouwen van een game. Voor docenten: hoe begin je zo'n traject, wat moet je weten voordat je begint, wat moet je in huis hebben, hoe zorg je er als docent voor dat je lesdoelen gehaald worden, hoe beoordeel je het werk van de leerlingen, hoe hou je ze bij de les? En voor de makers van de games: hoe maak je van een educatieve game een spannend spel, welke stappen moet je zetten voordat je gaat programmeren, wat moet je weten van het onderwerp van je game, welke mensen moet je bij het project betrekken om een maximaal resultaat te halen?

In het boekje 'Leerlingen bouwen games' proberen we al deze vragen en nog een paar meer te beantwoorden. We behandelen elke stap in het proces van het bouwen van een educatieve game vanuit twee gezichtspunten: die van de docent die een groep leerlingen begeleidt bij die taak en van de groep leerlingen die de educatieve game gaan bouwen.

Het was leuk werk om het boekje te schrijven. Omdat het bouwen van een game een multidisciplinaire klus is, moest we voor het schrijven van dit boek ook een multidisciplinair team hebben. We hebben het daarom met zijn drieën geschreven: Gerard Mulder die afgestudeerd is als wiskundig bioloog in Leiden, werkte voor Uitgeverij Jumbo als redacteur van gezelschapsspellen en educatieve spellen en nu zelfstandig opereert, Henny van der Meijden die in 2005 gepromoveerd is op het onderwerp Samenwerkend leren en die bij de masteropleiding Onderwijskunde van de Radboud Universiteit cursussen geeft op het gebied van Leren met ICT, Leren in een sociale context en Samenwerkend leren, en ikzelf.

Ik hoop dat het lezen van het boekje voor jullie net zo leuk en boeiend is als voor mij het samenwerken in dit boeiende team!

N.b. Het boekje is online te vinden. Je kunt er ook een papieren versie van bestellen bij Mesoconsult.

dinsdag 11 december 2007

SketchUp en virtuele werelden

Voor het SURFnetproject Virtuele Omgevingen heb ik met een aantal hogescholen en universiteiten contact gehad over het gebruik van virtuele werelden in het onderwijs. SURFnet biedt hoger onderwijsinstellingen de mogelijkheid om gratis een eigen Active Worlds omgeving in te richten en te gebruiken in ieder geval tot het einde van dit kalenderjaar en (als de projectleider na die datum de wereld wil gebruiken voor het onderwijs) tot het einde van dit schooljaar.

Een prachtige kans, vind ik, om te onderzoeken wat de mogelijkheden zijn van zo'n omgeving. Ik ben er zelf nog niet helemaal uit wat de meerwaarde is van virtuele omgevingen. Ik vind vooral de interactieve mogelijkheden belangrijk en minder de vorm, maar wat dan precies de meerwaarde is van zo'n wereld boven andere interactieve omgevingen (via web 2.0 of besloten omgevingen) daar ben ik nog niet helemaal achter. Misschien is het wel omdat virtuele werelden een soort tussenmogelijkheid bieden tussen volledig anoniem en volledig bekend. In een virtuele omgeving bieden niet de namen van je 'medespelers' houvast wie je bent, maar hun uiterlijk zegt wel wat over ze. Op de een of andere manier identificeren mensen zich met hun avatar in de virtuele wereld en maken ze zich daarmee 'bekend' aan de mensen met wie ze contact hebben. En waar sommige mensen (en vooral jongeren) regelmatig wisselen van e-mailadres, wisselen ze veel minder snel van avatar. Het is maar een gok: ik hoop dat uit de pilot van SURFnet meer informatie komt om het onderwijs op weg te helpen in virtuele omgevingen.

Maar om een omgeving te kunnen gebruiken zul je hem eerst in moeten richten. In Active Worlds heb je daarvoor een heleboel kant-en-klaar materiaal maar leuker is het natuurlijk om je eigen ideeën vorm te geven. Nu ben ik zelf geen verstand van werken met 3d-tekenprogramma's, maar ik heb me laten vertellen dat je voor het ontwerpen van objecten voor Active Worlds ook gebruik kunt maken van SketchUp van Google. En dát kan ik wel, een beetje...! Gelukkig kwam ik nog een paar duidelijke video's tegen die me verder hielpen. Nu kan ik het dus een beetje meer ;-) Een aanrader voor wie werkt met Google SketchUp! En voor wie verder wil: bij de screencasts hoort een heel boek. Dat laat ik maar over aan de echte experts.

Bron: Blogoscoped.


maandag 10 december 2007

Tijdlijnen en andere learning tools

Naar de site Learning ToolsEen tijdje geleden maakte ik melding van de online tool Tribbit, waarmee je makkelijk tijdlijnen kunt maken. Een mooi stukje gereedschap waarmee zowel docenten (voor het maken van leermateriaal) als leerlingen (bijv. voor een presentatie of een online werkstuk) een lijn kunnen maken waarop gebeurtenissen geplaatst kunnen worden in de vorm van tekst, foto's of video.

Iets minder 'flashy' maar wel met dezelfde functionaliteiten is Timeline Base, dat is ontwikkeld in het kader van het Learning Tools Project van het Department of Arts Instructional Support and Information Technology (Arts ISIT) van de Universiteit van Brits Colombia (voor wie dat niet weet: dat ligt in Canada).

Ik ben behoorlijk onder de indruk van wat ze daar gemaakt hebben: software om een tijdlijn te maken, om uitspraak te laten oefenen, een programma om video van een transcriptie te voorzien, software om woorden te oefenen, om plaatjes te voorzien van annotaties: het is er allemaal en helemaal gratis. Bijzonder is het dat het gaat om software die een school zelf op de eigen server kan installeren waarna ze zelf (op serverniveau) kunnen bepalen wie toegang krijgen tot de software. Daarmee ben je als school niet afhankelijk van een derde partij (die ineens kan besluiten om de site of de tool waar je mee werkt uit de lucht te halen) en je bent ervan verzekerd dat alleen de mensen die je zelf wilt toegang krijgen tot de tool en de producten die ermee gemaakt worden.

Alhoewel ik er zelf een grote voorstander van ben dat scholen gebruik maken van web 2.0 applicaties waarbij ze ook mensen buiten de school toegang geven tot wat op scholen gemaakt wordt, zie ik ook wel in dat dat wel een onzekere factor is. Niet alleen omdat je reacties kunt
krijgen die niet passen bij wat je als school voorstaat, maar ook omdat het zomaar kan gebeuren dat de tool waar jij zo enthousiast over bent van het web verdwijnt en daarmee ook het werk van de leerlingen. Met deze software kun je die risico's buitensluiten en kun je tegemoet komen aan weerstanden die kunnen bestaan bij leerlingen en docenten om hun werk via het web te delen met anderen.

vrijdag 7 december 2007

Groeien door Games

Naar de site Groeien door GamesAl een tijdje ben ik bezig met een grote klus. Alle scholen van de Onderwijsvernieuwingscoöperatie werken samen aan het project Groeien door Games. De bedoeling is dat op al deze scholen gaming een belangrijke plek gaat innemen in het curriculum. Er worden door de scholen zelf leermaterialen ontwikkeld waarin het spelen of bouwen van games wordt gebruikt als leerstofvervangend onderdeel, en op alle scholen starten projecten waarin leerlingen en docenten hun krachten bundelen om games (spelen en/of bouwen) een plek in de school te geven. Ik ben bij dat project betrokken als inhoudelijk projecteider wat betekent dat ik overal van mag meegenieten! Puur genieten dus omdat er zoveel verschillende kanten zitten aan games en omdat we binnen dit project de ruimte hebben om die kanten te ontdekken en vorm te geven.

Om de scholen te ondersteunen hebben we een speciale projectsite in de lucht gebracht: Groeien door Games. Op deze site proberen we zowel docenten en leermateriaal-arrangeurs aan te spreken als de leerlingen. De leerlingen zijn in dit project de designers, de makers van de games. Op de site (die uiteraard nog in ontwikkeling is al was het alleen maar omdat we nog zo weinig weten van games in het onderwijs) proberen we zoveel mogelijk informatie voor met name deze twee partijen bij elkaar te brengen.

Bij de informatie voor de docenten hebben we een apart hoofdstuk geschreven over het bouwen van games waarin kennis getoetst wordt. Niet omdat we dat zien als het ultieme format om games in het onderwijs in te zetten, maar wel omdat we denken dat het door leerlingen laten maken 'toetsgames' een zinvolle manier is om leerlingen kritisch na te laten denken over wat ze bestudeerd hebben. We hebben daarom ook een soort basisles gemaakt waarin we aangeven hoe dat proces uitgevoerd zou kunnen worden in de les. Deze basisles is eenvoudig aan te passen voor elk leergebied of vak.

Ook besteden we aandacht aan een aantal tools waarmee games gemaakt kunnen worden. Game Maker is voor het basisonderwijs natuurlijk de meest voor de hand liggende, maar ook met gereedschappen als Excel en HTML kunnen games gebouwd worden. Het lijstje dat wij aanbieden is natuurlijk niet uitputtend: we richten ons vooral op degenen die nieuw zijn in het vak van games bouwen en die met (betrekkelijk) eenvoudige gereedschappen snel een eerste resultaat willen boeken. Niet alleen bruikbaar voor informatica-leerlingen, maar ook voor leerlingen die dat vak niet volgen maar wel een game willen maken.

Op de site is nog veel meer te vinden; dat ga ik niet allemaal opnoemen. Maar neem gerust eens een kijkje op de site. Ik sta open voor op- en aanmerkingen, tips en natuurlijk ook complimenten ;-)

donderdag 6 december 2007

De staking


Ik denk niet dat ik veel hoef uit te leggen als het gaat om de staking van vrijdag. Amsterdam, vanaf 12 uur op het museumplein in Amsterdam. De staking was tegen de 1040 uren norm, omdat veel scholen deze niet halen en vervolgens maar allerlei nutteloze uren zouden inplannen die leerlingen dan meestal zien als tussenuren, maar die wel meetellen voor de norm. Ik ben niet gegaan. Ik heb het wel overwogen.


Dat wil niet zeggen dat ik het eens ben met de 1040 uren norm. Het is alleen zo dat als de overheid het aantal uren minder maakt, dat dan mensen meer huiswerk op krijgen en dat is een stukje zelfstandigheid en als je nu ziet hoeveel leerlingen al hun huiswerk maken, vind ik dat niet zo'n goed idee. Onze school haalde de norm ook bij lange na niet, en hebben hun verbouwingsplannen toen omgegooid van de lokalen die ze wouden maken, naar een hele grote studieruimte. De steruren, een soort verplichte hulp-bij-huiswerk-uren, werden meteen bijna allemaal daarnaartoe verplaatst. Wat doen leerlingen als ze in zo'n grote ruimte komen met zo veel andere leerlingen. De meeste gaan echt niet werken. En diegenen die wel willen werken, kunnen dat niet door het lawaai.

Wat ik eigenlijk vind is dat ze de uren veel nuttiger op moeten gaan vullen. Ik heb veel meer iets aan een uur normale les dan aan een steruur als het gaat om snel en efficiënt huiswerk maken. ( met sommige lessen als uitzondering) maar ik maak nog veel liever mijn huiswerk thuis in de stilte dan op school. Probeer jij maar eens iets te leren met 200 leerlingen om je heen. Als ze die uren nou eens op konden vullen met dingen als excursies, buitenlandreizen, dan zijn zowel de leerlingen als de leraren blij en dan kom je gegarandeerd aan het aantal uren.

Onze klas heeft er trouwens nooit last van gehad, dat ze te weinig uren hadden. Wij maken ieder jaar een mooie buitenlandreis en alhoewel ik toegeef dat deze niet iedere keer even leerzaam was, er zat zeker potentie in. Daarnaast hadden we iedere week tot nu toe 33 uren. Dit is in de vijfde teruggelopen naar 31 uren, maar met 31 uren per week zit ik nog steeds ruimschoots aan de norm. Totaal geen reden om te gaan staken voor mij.

woensdag 5 december 2007

Muziek om te spelen

Naar het spel Sound FactoryDeze keer twee spelletjes die te maken hebben met muziek: Sound Factory en A Break in the Road.

In Sound Factory ben je een fabrieksarbeider. Je werkt aan de lopende band om autobanden te produceren. Niet echt inspirerend. Maar deze dag is je doel om zoveel mogelijk plezier te maken. Je maakt gebruik van wat de fabriek je biedt om muziek te maken en er zo een swingende werkdag van te maken. Zo laat je banden ontploffen om ritme te creëren en je gebruikt een oscilloscope voor verrassende geluidseffecten. Je mede-arbeiders genieten van de muziek en wijzen je steeds meer instrumenten aan waarmee je kunt gaan spelen. Maar pas op: de baas loopt af en toe rond en die houdt niet van muziek. En je moet tussendoor natuurlijk er wel voor zorgen dat je je quotum banden haalt!

Break of the Road is een spel waarbij je je eigen muziek moet maken die vervolgens in de club gespeeld wordt. Maar voordat je zover bent ga je de straat op om geluiden te verzamelen. Het geluid van timmerende bouwvakkers, een fluitende man, pratende dames, een auto die voorbij rijdt, een plaat die wordt gespeeld in de muziekwinkel enz. Als je de geluiden hebt opgenomen ga je ze in de studio samenvoegen tot één geheel. Mis je nog een geluid of wil je liever een andere dan die je hebt dan ga je nog een keer de straat op om andere geluiden te verzamelen.

Sound Factory en Break of the Road vind ik leuke spellen om te spelen. Beide spellen bieden de mogelijkheid om de muziek die je in het spel hebt gemaakt met anderen te delen via de mail. Sound Factory is wat meer een spel, terwijl Break of the Road vooral bedoeld is om muziek te maken en minder spelelementen heeft. Maar beide zijn leuk om mee aan de slag te gaan en een leuke manier om muziek te ontdekken. Geen van beide vraagt veel tijd en ze kunnen kan goed gebruikt worden als inleiding op een verhaal over muziekinstrumenten en ritme en/of een les waarbij leerlingen zelf ontdekken in welke alledaagse voorwerpen muziek zit!

dinsdag 4 december 2007

Bijvoeglijke naamwoorden

Wie had gedacht dat ik nog eens tandpasta zou promoten in dit weblog? Maar het is echt waar: Colgate heeft een grapje gemaakt waarvan ik denk dat het in het (MVT-Engels) onderwijs goed bruikbaar is.

Op de site van dit tandpastamerk kun je nu een slideshow maken. Je kiest eerst een aantal foto's die je wilt gebruiken, liefst rond een thema. Je kunt gebruik maken van de foto's op de site, maar je kunt ook je eigen foto's uploaden. Vervolgens kies je bij de foto's woorden. Denk daarbij aan woorden als radiant, optimistic, laugh, glow en fun, maar ook when, where, our, so, into enz. Je kunt korte zinnen maken, maar het is ook leuk om alleen bijvoeglijke naamwoorden te kiezen.

Vervolgens kies je hierbij een stemming, bijv. thrilled, shocked, fresh enz. Dat plaatje wordt aan het begin en het einde van je diashow getoond. Tot slot kies je nog een passend muziekje bij het totaal en je start je slideshow.

Het is grappig om te zien hoe al je keuzes samengevoegd worden in de show. Die oogt heel gelikt; het zou inderdaad niet misstaan als tandpastareclame ;-) Maar belangrijker vind ik dat het een goede manier is om bijvoeglijke naamwoorden te oefenen met leerlingen. Als je één diashow hebt gemaakt vergeet je nooit meer wat een bijvoeglijk naamwoord is. En in de tussentijd zie je ook nog een heleboel bijvoeglijke naamwoorden op je scherm verschijnen dus je leert er ook nog een hoop woordjes mee ;-)

Kortom: een leuk geintje voor tussendoor waar je ongemerkt van leert.

maandag 3 december 2007

Limonade en economische goederen

Naar het spel Lemonade StandHet limonadespel is bij veel economiedocenten wel bekend. Dat is een spel waarbij de speler de opdracht krijgt zoveel mogelijk winst te maken met het verkopen van limonade. Daarvoor moeten bekertjes ingekocht worden, citroenen, suiker en ijs. Of de limonade goed verkoopt hangt af van het weer: als het warm weer is dan hebben de mensen zin in een koud drankje en loopt de verkoop voorspoedig. Maar als je pech hebt is het weer slecht en blijf jij als speler met je koele drankjes zitten. Geen probleem als je bekertjes overhoudt want die kun je de volgende dag gebruiken. Maar met ijs werkt dat helaas niet: dat smelt dus je moet de volgende dag weer nieuw kopen. Het limonadespel kan prima gebruikt worden voor de lessen economie om leerlingen de wetten van vraag en aanbod te laten ontdekken.

Onlangs ontdekte ik twee andere spellen die op soortgelijke leest geschoeid zijn: Coffeeshop en Lemonade Stand. Het leuke van deze spellen is dat ze net iets verder gaan dan het oorspronkelijke limonadespel. Bij Coffeeshop moet je namelijk niet alleen goed inkopen; het spel bied je ook de mogelijkheid om zelf een recept voor je drankje (koffie, in dit geval) te maken. Heb je sterke koffie met veel suiker en melk dan kun je daarvoor een veel hogere prijs vragen dan voor slappe koffie. Lemonade Stand gaat nog verder. Daarbij heb je drie levels. In het eerste level wordt de vraag alleen bepaald door het weer, net als bij het originele limonadespel. In level 2 wordt de vraag ook bepaald door nieuwsberichten: hoe bericht de pers over citroenlimonade? In het hoogste level moet je ook rekening houden dat de kosten om limonade te maken elke ronde weer anders kunnen zijn.

Beide spellen vond ik leuk om te spelen en een goede vernieuwing van het aloude Limonadespel. Het lijkt me leuk om het spel aan leerlingen te geven en ze te vragen om zelf te bedenken hoe je de achterliggende regelset in formules (en vervolgens in een spreadsheet) kunt vangen. Een goede oefening om abstract te leren denken!