vrijdag 18 december 2009

Het 1000ste blogje

Door: Martijn van den Berg
Het zat er al een tijdje aan te komen. Ik had hem opgemerkt, maar volgens mij is Margreet het alweer vergeten. Ik hoopte eigenlijk ook dat Margreet het blogje zou krijgen, omdat zij toch de meeste inzet heeft getoond voor dit weblog en dit lukte helaas niet. Daarom is dit nu officieel het 1000ste blogje, en voor zover ik weet, weet Margreet noch van dit blogje noch van ons historisch moment. Aangezien Margreet nogal vaak op haar weblog zit, gaat het nog een hele toer worden om deze ongezien erachter te krijgen.

Zoals al gezegd, we hebben ons 1000ste berichtje erop zitten, en dit vind ik wel eens een speciaal moment. Voor mij, maar vooral voor Margreet. Het begon allemaal vijf jaar geleden, toen Margreet een manier zocht om haar kennis en ervaringen te archiveren, om er een leuk overzichtje van te krijgen. Dit is blijkbaar een goede bezigheid geweest, want al gauw werd het weblog één van haar vaste taken.

Er zijn in de tussentijd twee erg belangrijke updates geweest van blogger die het ons het leven makkelijker hebben gemaakt. Vroeger ging Margreet altijd vroeg uit bed om haar blogje te publiceren op precies het juiste tijdstip. Dat was voor mij erg apart, want ik moest mestal als eerste naar school, en om dan je moeder als een soort internetverslaving beneden haar blogje te zien publiceren, was voor mij altijd een apart gezicht. Daarnaast vind ik het ook wel handig dat ik op een gegeven moment mijn eigen blogjes zelf kon publiceren, want dit bespaarde Margreet, die toch al zo druk bezig was met het weblog veel werk. (Naast haar eigen blogjes haalde ze ook in het begin mijn spelfouten eruit

In de ruim vijf jaar dat dit weblog bestaat, heeft Margreet het gepresteerd om iedere doordeweekse dag met uitzondering van vakanties een blogje te publiceren met daarin altijd nuttige dingen van hoog niveau. Dit getuigt van een gigantische inspiratie. Een inspiratie die veel lezers naar mijn idee wijzer heeft gemaakt. En hier heb ik heel erg veel respect voor.

Ik denk dat Margreet en ik voorlopig zeker doorgaan met bloggen, beide met eigen motieven om te bloggen, maar uiteindelijk komt het er gewoon op neer dat het erg leuk is om te doen. Ik wil Margreet feliciteren met dit blogje en ik weet zeker dat er nog veel meer zullen komen.

donderdag 17 december 2009

Handige tool voor spreekvaardigheden

Klik hier om naar Voxopop te gaanEen taal leren betekent niet alleen woordjes en grammatica leren, maar ook spreken. Dat is soms lastig te realiseren in een klas. Je wilt natuurlijk graag alle leerlingen aan het woord laten komen maar als je maar 50 minuten hebt en 25 leerlingen in je klas, dan is het knap dringen om iedereen aan het woord te laten komen. Je kunt natuurlijk leerlingen in tweetallen met elkaar laten praten maar dan is het moeilijk om feedback te geven en je kunt bijna niet voorkomen dat sommige leerlingen dan heel veel en andere leerlingen heel weinig aan het woord zijn.

Voxopop is een gratis messageboard voor gesproken berichten. Je kunt het gebruiken om leerlingen vragen te laten beantwoorden of met elkaar te laten discussiëren. Je kunt aanhaken bij bestaande discussiegroepen maar je kunt ook een eigen discussiegroep starten. Je hebt dan de keuze of iedereen daaraan mag bijdragen of alleen degenen die jij uitnodigt. Je kunt ook de berichten openbaar toegankelijk maken, maar wie wil bijdragen moet daarvoor eerst toestemming vragen.

Handig vind ik dat je via RSS op de hoogte kunt laten houden van nieuwe berichten in de discussiegroepen die je volgt. Het lukte mij overigens niet om met de ingebouwde microfoon van mijn laptop een tekst in te spreken, maar met een losse microfoon werkte Voxopop probleemloos.

Voxopop wordt blijkbaar al gebruikt in het onderwijs, getuige bijv. de discussiegroep TOEFL (Test Of English as a Foreign Language) Speaking Mentor van Jason en de rubriek Education and Language. Ik kon geen Nederlandse discussiegroepen vinden in het overzicht maar misschien komt daar na de publicatie van deze blogpost verandering in ;-)

woensdag 16 december 2009

Leren met je mobieltje

De mobieltjes die we hebben, hebben steeds meer functies en er zijn steeds meer programma's die je op je mobieltje kunt zetten. Maar wat zijn de educatieve mogelijkheden van die apparaatjes? Om die vraag te kunnen beantwoorden breng ik eerst in kaart wat je in het algemeen met een mobieltje kan doen.
  1. De belangrijkste functie van een mobieltje is nog altijd communicatie: je kunt ermee bellen, sms'en, twitteren, foto's en video's versturen.
  2. Daarnaast bieden mobieltjes toegang tot internet. De groep jongeren die daartoe toegang heeft, wordt steeds groter. Van de jongeren tussen 12 en 15 jaar maakt 31 % gebruik van mobiel internet; van de jongeren tussen 15 en 25 geldt dat voor 49 %. gebruik van mobiel internet.
  3. Met een mobieltje kan je in beeld (foto, video) en geluid (mp3) vastleggen wat je ziet, doet en hoort.
  4. In steeds meer mobieltjes zit GPS en kompas ingebouwd. Daarmee kan je uitgezette routes volgen, waarbij je onderweg bestanden kunt bekijken waarin informatie over de omgeving te vinden is of opdrachten die je moet uitvoeren. Dat kan gaan om tekst, foto's of video die tevoren op je mobieltje is opgeslagen of om informatie die wordt opgehaald via internet.
Uitgaande van deze functies van mobieltjes kom ik op de volgende educatieve mogelijkheden:
  1. Communicatie:
    • in het klaslokaal: leerlingen/studenten kunnen stemmen op stellingen of de docent kan kennis toetsen door vragen te stellen die de leerlingen via hun mobiel (Twitter of SMS) beantwoorden. Met behulp van applicaties als SMS2vote en Poll Everywhere kunnen de uitkomsten van de stemming of van een vragensessie direct mooi grafisch weergegeven worden. Ook kunnen leerlingen met hun telefoon een klein onderzoekje doen, bijvoorbeeld door hun vrienden via SMS één of meer vragen voor te leggen.
    • buiten het klaslokaal: als leerlingen onderzoek doen buiten het klaslokaal kunnen ze contact leggen met school of met andere groepen leerlingen met behulp van hun mobiele telefoon. Zo kunnen verschillende groepen samenwerken aan één opdracht waarbij elke groep een deel van het onderzoek uitvoert. Denk daarbij bijv. aan onderzoek naar cultuur en kunst in verschillende wijken, veldonderzoek gecombineerd met onderzoek op internet, enz.
  2. Internet: mobiel internet biedt leerlingen de mogelijkheid om onderweg informatie op te zoeken, hun kennis te toetsen (bijv. met WRTS-mobiel). Als ze onderweg zijn naar school of naar huis of als ze, in opdracht van school, veldonderzoek doen, een museum verkennen of de architectuur in de stad in kaart brengen.
  3. Foto en video:
    • Bij onderzoek in het veld is het handig als je beelden kunt vastleggen: een plant die je niet kunt thuisbrengen, een inscriptie in een vreemde taal die je niet begrijpt, of een lied dat je hoort en waarvan je later de tekst nog eens wilt doorgronden. Met een foto- en videocamera leg je alles vast waardoor je het later nog eens kunt bekijken.
    • Handig is het ook om je eigen acties vast te laten leggen, bijv. tijdens een stage, een telefoongesprek dat je voert of een interview dat je afneemt. Wat je hebt gedaan kan je op school nog eens bekijken en voorleggen aan je medeleerlingen en/of je docent.
    • Je kunt (met een iPhone) video streamen en aanbieden waardoor mensen die niet bij de les kunnen zijn deze toch kunnen volgen.
    • Ook interessant is de mogelijkheid om mensen van buiten de school te betrekken bij een discussie die op school wordt gevoerd met behulp van een backchannel van bijv. Slandr, Jaiku of Tweetgrid. Met een backchannel kunnen mensen via Twitter of SMS reacties sturen op een live gestreamde presentatie of les. Deze berichten worden tijdens de presentatie getoond op een groot scherm waardoor de spreker of aanwezigen in de zaal hierop kunnen reageren.
  4. GPS en kompas: van GPS (en kompas) wordt gebruik gemaakt bij het maken van puzzel- en speurtochten zoals Frequentie 1550 en Codex Kit. Het maken van dit soort tochten is eenvoudiger dan je denkt. Leerlingen kunnen hier redelijk zelfstandig mee aan de slag, bijv. met het (gratis te downloaden) programma Mscape, al dan niet begeleid door Kunstgebouw, of met het Games Atelier dat Waag Society ontwikkelde. Maar er is ook kant-en-klare software waarvoor je niets hoeft te ontwikkelen. Met het programma Layar kan je een aantal bronnen doorzoeken op informatie die past bij de GPS-locatie (in combinatie met de kompasgegevens) waar je je bevindt. Zo kan je informatie ophalen uit wikipedia over de stad waar je bent, over waar in de buurt WiFi-spots zijn van Eduroam, of over moderne architectuur.
In dit overzicht heb ik bewust de ultra-mobiele laptops buiten beschouwing gelaten. Ik denk namelijk dat die geen extra mogelijkheden toevoegen aan dit overzicht omdat ze over het algemeen ongeveer dezelfde mogelijkheden hebben als mobiele telefoons. Maar er zijn veel meer mobiele apparaten die ik hier niet besproken heb: e-readers, mp-3 en mp4-spelers, gameconsoles: er zijn steeds meer apparaten die je onderweg kunt gebruiken. Ik vind zelf de mobiele telefoon het meest interessant omdat die zoveel verschillende functionaliteiten biedt. Ik realiseer me dat ik daarmee geen compleet overzicht biedt van mobiel leren maar alleen van leren met een mobiele telefoon.

Als iemand aanvullingen heeft op dit overzicht hou ik me aanbevolen!

Afbeelding van The Lightworks, gepubliceerd onder CC-by.

dinsdag 15 december 2009

Informatievaardigheden voor studenten

Klik hier om de brochure te bekijkenWe raken er met ons allen steeds meer van doordrongen hoe belangrijk het is om mediawijs te worden. Mediawijsheid is, volgens de Raad voor Cultuur die de term bedacht: "het geheel van kennis, vaardigheden en mentaliteit waarmee burgers zich bewust, kritisch en actief kunnen bewegen in een complexe, veranderlijke en fundamenteel gemedialiseerde wereld".

Goed met informatie om kunnen gaan is één van de aspecten van mediawijsheid: om in deze maatschappij te kunnen functioneren moet je informatie kunnen zoeken, vinden, beoordelen en presenteren. In het onderwijs stimuleerden we de informatievaardigheden van onze leerlingen en studenten al ver voor het computertijdperk door ze mee te nemen naar de bibliotheek, ze in handboeken, naslagwerken, tijdschriften en andere (vak-)literatuur informatie op te laten zoeken en door ze werkstukken en scripties te laten maken.

Met de komst van internet veranderde er veel: informatie zoeken was niet meer iets wat je deed in de bibliotheek: je kon het ook vaak thuis doen. Daardoor werd het vaak lastiger om zoekende leerlingen en studenten te begeleiden op hun zoektocht. Ook de vaardigheid presenteren kreeg een andere dimensie: tot dat moment ging bijna altijd om het maken van een werkstuk voor gebruik in eigen kring maar door de komst van internet konden leerlingen en studenten hun werkstuk of scriptie beschikbaar stellen voor de hele wereld. Maar dan moet er natuurlijk wel nagedacht worden over zaken als copyright en over de keuze van de kanalen die je gebruikt om je werk te publiceren.

Over welke informatievaardigheden leerlingen en studenten moeten beschikken, daar is weinig eenduidigheid over. Maar misschien komt daar nu verbetering in. Het Landelijk Overleg Onderwijs Wetenschappelijke Informatie (LOOWI)heeft kortgeleden de Amerikaanse standaard op dit gebied vertaald, die opgesteld is door de American Association of College and Research Libraries.

Het zou goed zijn als universiteiten en hogescholen zich zouden conformeren aan deze standaard: enerzijds omdat het voor werkgevers prettig is om te weten wat ze van hun werknemers kunnen verwachten maar ook omdat het dan mogelijk is om gezamenlijk materialen te ontwikkelen om studenten die vaardigheden te laten ontwikkelen. Ook voor studenten is het prettig om te weten welke eisen er aan hen gesteld worden. ook voor scholen in het voortgezet onderwijs vind ik de brochure interessant: natuurlijk zullen een aantal van deze vaardigheden al in het vo aangeleerd worden dus het is goed om te weten waar ze naar toe kunnen werken. Een heleboel van de in de brochure genoemde vaardigheden zijn ook al in het voortgezet onderwijs van belang!

In de brochure vind je een heel heldere opsomming van de normen waaraan studenten moeten voldoen, over welke vaardigheid hij daarvoor moet beschikken en hoe die vaardigheid in de praktijk wordt toegepast. Met name die laatste stap is handig, vind ik, want het maakt het mogelijk te meten of de student kan wat hij moet kunnen. Dank aan het LOOWI dat deze vertaling heeft gemaakt en voor iedereen beschikbaar stelt!

maandag 14 december 2009

Archiefmateriaal WOII

Klik hier om naar de Wegwijzer Archieven te gaanVorige week is de Wegwijzer Archieven WOII gelanceerd: een website die de weg wijst naar bronmateriaal over de Tweede Wereldoorlog in allerlei verschillende archieven in Nederland. Het initiatief komt van het Nationaal Archief en het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie, maar er is materiaal te vinden van 266 archiefinstellingen, bijvoorbeeld de archieven van bisdommen, het Centraal Bureau voor Genealogie, gemeente-archieven, regionale archieven, het Nederlands Muziek Instituut en nog veel meer. Natuurlijk moet je om de materialen te zien naar de archieven toe, maar aan de hand van de omschrijvingen kan je je een goed beeld vormen van de rijkdom van alle archieven.

Wie zoekt naar materiaal over een bepaald onderwerp kan een zoekterm invoeren, gebruik maken van de systematische indeling van archieven (Duitse/Nederlandse/overheidsinstellingen/personen, enz), of archieven zoeken op thema (bijv. dagelijks leven, collaboratie, steun en opvang, illegaliteit enz.). Je kunt ook op een kaart kijken welke archieven in de buurt zitten en je kunt de alfabetische lijst bekijken van archieven en zo op zoek gaan naar materiaal. Ik denk zelf dat voor het onderwijs de thematische zoekmethode het makkelijkst is: ik vond het in ieder geval al inspirerend om te zien vanuit hoeveel verschillende invalshoeken je het onderwerp kunt benaderen. Voor wie de wereldoorlog tot onderwerp van studie benoemt, is dit een geweldige plek om op zoek te gaan naar informatie over alle mogelijke aspecten van die periode in de Nederlandse geschiedenis.

Bij de links staan overigens nog een aantal andere archieven die interessant zijn. Ik vond zelf het Verhalenarchiefinteressant: daar worden persoonlijke verhalen verzameld: familiegeschiedenissen, vrolijke, droevige, alledaagse en soms wonderlijke lotgevallen. Op dit moment vragen ze om verhalen van Nederlanders in New York. Lijkt me een mooie opdracht voor het vak Engels: zoek een Nederlander in New York en vraag of je een interview mag afnemen en mag aanbieden op de site.

Archieven hebben onderwijs heel wat te bieden!

vrijdag 11 december 2009

XS=USE : toegankelijkheid en ICT

Het hoger onderwijs heeft er een nieuwe community bij: de Special Interest Group XS=USE, oftewel Access = Use. Deze groep gaat zich bezighouden met digitale toegankelijkheid + ICT-hulpmiddelen in het hoger onderwijs. ICT in het onderwijs kan het leven van studenten met een functionele beperking aanzienlijk vergemakkelijken: denk aan vergrotingssoftware voor mensen die een visuele beperking hebben of schermlezers die teksten voorlezen voor mensen met dyslexie. De andere kant van het verhaal is dat als bestaande ICT-middelen niet toegankelijk zijn voor mensen met een functionele beperking, het behoorlijk lastig wordt om te studeren. Er zijn echt een heleboel ELO's die met geen enkele screenreader te bekijken zijn, en ik hoef je niet te vertellen dat als je geen toegang hebt tot de ELO van jouw opleiding dat het dan behoorlijk lastig is om uit te vinden wat je voor de verschillende vakken moet doen. Er is op dit terrein nog heel veel te doen, weet ik uit eigen ervaring.

Daarom deze keer een oproep aan decanen/studieadviseurs, docenten en ICTO-medewerkers uit het hoger onderwijs: sluit je aan bij deze SIG. Bedenk dat uit onderzoek is gebleken dat 16,5% van de eerstejaars studenten in het Hoger Onderwijs een functiebeperking heeft en dat 50% hiervan belemmeringen ondervindt in het onderwijs. Denk niet dat je het doet voor een enkeling: om te beginnen is het aantal groot, maar - nog belangrijker - de maatregelen die je neemt komen ook vaak anderen ten goede. Als je sneeuw ruimt lijkt het logisch om eerst de trap naar de ingang van de opleiding vrij te maken van sneeuw omdat de meeste studenten immers langs die weg binnenkomen. Maar als je de roltraphelling vrij van sneeuw maakt kan ineens iedereen binnenkomen!

De eerste bijeenkomst van de SIG is maandag 14 december van 10.00-13.00. Je kunt dan uit de eerste hand horen met welke problemen een student te maken krijgt die een visuele en auditieve beperking heeft. De SIG is een gezamenlijk initiatief van SURFfoundation en handicap + studie. Wil je je inzetten voor dit onderwerp of wil je op de hoogte blijven van deze SIG, kijk dan voor meer informatie op de sites van SURFfoundation en handicap + studie.

Afbeelding bovenaan van hoyasmeg, gepubliceerd onder CC-by.

donderdag 10 december 2009

Assassins Creed 2; nét de renaissance

Door: Martijn van den Berg

De laatste tijd zijn er slechts weinig spellen die ik nog graag in mijn bezit wil hebben. Daarvan zijn er nog minder die ik ook uit educatief doeleinde in mijn bezig wil hebben. Eén van de spellen die in beide categorieën hoort, is Assassins Creed 2. Na het eerste deel gespeeld te hebben, dat helaas een beetje repetitief was maar wel zeer uitdagend, vond ik zeker dat het tweede deel, waar wel aandacht was besteed aan historisch perspectief, een goede kans moest krijgen. Een kijkje dan maar?

Assassins Creed 2 gaat verder waar het eerste deel gestopt is. Je komt in de huid te lopen van een andere voorouder van Desmond, Ezio uit Florence. Het hele verhaaltje van de tempeliers bestaat nog steeds, alleen in dit deel ga je dieper op de betekenis in waar al die mensen nu precies naar op zoek zijn, wat weer neer komt op het aloude werelddominantie.

Grafisch ziet het er mooi uit, alhoewel het nog steeds gemaakt is met hetzelfde beeldprogramma als het eerste deel. Er is erg veel oog besteed aan detail, en dat zie je. Het is dan ook een genot om van de hoogste torens in hooibalen te springen, of op straat door de mensen te lopen. Daarnaast wil ik zeker nog een compliment wijden aan de variatie in wapens en moves, waarmee ik zeer blij ben. In plaats van je vijanden ieder keer op de zelfde manier het loodje te laten leggen, kan je dit keer genieten van verschillende vechttechnieken.

Maar waar ik in deze review extra aandacht aan wil besteden is het educatieve deel. Dit spel kent namelijk veel achtergrondinformatie. De meeste personen zijn gebaseerd op echt bestaande figuren. De steden die je kan bezoeken (Florence, Forli, Toscane en zelfs Venetië) zijn tot in het laatste detail gebaseerd op de echt bestaande steden en zijn met behulp van historici tot in het laatste detail weergegeven.

Vroeger zat ik wel eens te dommelen tijdens de geschiedenisles. Dan zat ik diep verzonken in mijn geschiedenisboek, en dan stelde ik mij voor om echt in die wereld rond te lopen zoals iemand in die tijd dat gedaan had. Dat zou mijn geschiedenisles een heel stuk leuker maken. Dit kan met dit spel, want overal waar je langs loopt kan je details lezen over gebouwen, personen. Zelfs de meeste personen die je vermoord hebben echt bestaan in die tijd.

Totnogtoe het deel dat je bewust leert en doelgericht. Maar wat nu als je voor het speelplezier gaat, en het je eigenlijk niets boeit of je wat leert of niet? Dan leer je nog steeds wat. De geweldige verhaallijn bijvoorbeeld, die je door de geschiedenis van Italië in de renaissance neemt. De meeste mensen houden van de actie in geschiedenis, en deze krijg je dan ook te zien als je door de vele complotten wordt gesleurd die de verschillende stadsbesturende families met elkaar hadden om van elkaar af te komen, of juist met elkaar samen te werken. Om te weten wat je moet doen zul je ook je missie moeten lezen, anders kom je onvoorbereid aan.

Een minpuntje op het educatieve gedeelte is helaas wel alle moeite die je moet doen om de verschillende delen van de video met “de waarheid” vrij te spelen. Deze puzzels, vaak vrij abstract, zullen vele mensen naar het internet leiden, omdat deze puzzels af en toe bijna onmogelijk op te lossen zijn.

Als je kijkt naar de duur van deze game, ben je om de hele game uit te spelen wel een aardig aantal uurtjes bezig. Maar dit is helemaal de moeite waard, want daarna leidt het wow gevoel je nog urenland door alle duivelse verstrikkingen van het complot heen, waarna je weer een ervaring rijker bent. Ik heb dingen begrepen die mijn geschiedenisboek mij nooit uit zou leggen. Dit is zeker een mooi spel als je leerlingen een rondleiding door het verleden wilt geven, of eindelijk een duidelijk maken wat de renaissance nu eigenlijk is. En daarnaast is het natuurlijk gewoon een onvergetelijke ervaring.

woensdag 9 december 2009

Educatieve games en Google Goggles

Klik hier om naar het weblog Upside Learning te gaanDe post is al een tijdje oud, maar ik zag hem vandaag voor het eerst: de 'Top 100 Learning Game Resources' op het weblog The Upside Learning Solutions Blog. In deze post worden 100 bronnen genoemd op het gebied van educatieve games. De variatie is groot: er wordt verwezen naar Lego Games en naar e-mailgames van Thiagi, naar organisaties die zich bezighouden met onderwijs en organisaties die zich bezig houden met game-onderzoek, naar artikelen en blogs en nog veel meer. Voor wie zich (verder) wil verdiepen in educatieve games is dit een prachtig startpunt!

Maar de rest van het weblog vind ik ook erg de moeite waard. Zo las ik er over het bestaan van Google Goggles, een toepassing die werkt op Android telefoons en waarmee je op internet kunt zoeken naar beelden die lijken op de foto die je maakt met je telefoon. Handig voor als je meer wilt weten over een kunstwerk dat je bekijkt in een museum of een beroemd bouwwerk: je maakt een foto en Google Goggles zoekt naar gelijke beelden en de bijbehorende informatie. Kijk vooral even naar onderstaand filmpje: na een korte introductie over de makers zie je wat Google Goggles kan.

dinsdag 8 december 2009

On the ground reporter

screenshot spel On the Ground ReporterOn the ground reporter is een spel waarbij je als journalist onderzoek gaat doen in Darfur. Dat is niet ongevaarlijk: je zit in een oorlogsgebied, je spreekt de taal niet en eten en drinken is niet overal voorradig. Je moet ervoor zorgen dat mensen je vertrouwen en soms moet je risico's nemen om erachter te komen wat er is gebeurd. De verhalen die je hoort schrijf je op in een aantekenboekje en af en toe heb je contact met je opdrachtgever die je achtergrondinformatie geeft en je vertelt waar je naar op zoek moet gaan.

On the ground reporter is een adventuregame: om mensen aan het praten te krijgen moet je de juiste spullen verzamelen in het spel of de juiste contacten leggen. Soms moet je binnen korte tijd iets doen, bijv. water halen omdat je anders uitdroogt in de hitte. De game is niet erg spannend, maar misschien hoeft dat ook niet: het verhaal is 'spannend' genoeg. De gebeurtenissen die voorkomen in On the Ground Reporter zijn gebaseerd op ware gebeurtenissen en opgebouwd uit voornamelijk bestaande interviews, journalistieke artikelen en boeken. Het foto- en filmmateriaal is de laatste jaren gemaakt door verschillende Nederlandse journalisten.

Het spel kan goed ingezet worden om leerlingen kennis te laten maken met de problemen in Darfur. Een opdracht zou kunnen zijn om in groepjes het spel te spelen waarna elk groepje in een presentatie, essay of in een wiki één aspect van de oorlog moet uitdiepen: het conflict, de leefsituatie in de kampen, de janjaweed enz. Zo kan een totaalbeeld ontstaan waarin niet goed of slecht een rol speelt, maar waarin voorop staat dat in de huidige situatie er geen winnaars kunnen zijn.

maandag 7 december 2009

Leerlingen leggen uit hoe de grondwet in elkaar zit

Van een serie lessen over de grondwet zullen maar weinig leerlingen enthousiast worden. Maar als de lessen worden gegeven door Mr. Titzel dan wordt het een ander verhaal.

Mr. Titzel is docent op Hershey Middle School in de VS en geeft daar les aan leerlingen van rond de 12, 13 jaar. Om leerlingen te onderwijzen over de grondwet liet hij ze filmpjes maken in de stijl van Common Craft. Dat was een hele klus: de leerlingen moesten eerst in groepjes een deel van de grondwet onderzoeken. Daarna moesten ze een script schrijven en het beeldmateriaal maken. Vervolgens werd de film gemaakt waarbij er zorgvuldig werd opgelet dat er niemand de set verstoorde.

Hieronder zie je 'the making of', het resultaat van het werk van de leerlingen is te vinden onder zijn account op Vimeo. Zijn er onder de lezers van dit blog leerkrachten/docenten die dit ook doen?

Making of the Constitution Video from Mr. Titzel on Vimeo.

.

vrijdag 4 december 2009

Blogposts eigendom van je werkgever?

Gerard Bierens schreef van de week een boeiende blogpost over de vraag wie auteursrechthebbende is als je in het HBO werkt en een blog bijhoudt. In de CAO van het HBO staat dat de werkgever de rechten heeft op al het materiaal dat de werknemer heeft gemaakt, indien de werknemer dit gemaakt heeft bij de uitoefening van zijn functie of ten bate van de werkgever. Op de blogpost kwamen veel reacties en de post werd ook opgepikt door Arnoud Engelfriet die er op zijn eigen blog op reageert.

Het knelpunt in deze tekst zit 'm natuurlijk in de vraag of je een blog bijhoudt 'bij de uitoefening van of ten bate van je werkgever'. Als in je taakomschrijving staat dat je een blog moet bijhouden is dat natuurlijk helder. Maar wat als je het blog bijhoudt in je vrije tijd maar wel schrijft over iets wat je hebt gedaan onder werktijd? En wat als je werkgever zo enthousiast is over je weblog dat je in je vrije tijd hebt opgezet dat hij je aanbiedt dat je daar onder werktijd een aantal uren mag besteden of als je werkgever je vraagt om een blogpost te wijden aan een nieuw product dat het bedrijf lanceert? Vervallen dan plotsklaps de auteursrechten van je hele blog aan je werkgever?

Het lijken me in ieder geval zaken waar je met je werkgever afspraken over moet maken. Hoe rechtsgeldig die zijn kan je je natuurlijk afvragen: als er op verschillende niveaus afspraken zijn gemaakt dan is het altijd de vraag welke afspraak voor een rechter stand houdt. Maar ja, dat is een traject dat je liever niet wilt doorlopen dus tevoren afspraken maken is beter. Als je je blog publiceert onder de Creative Commons licentie CC-by (waarbij anderen het werk vrij mogen bewerken en verspreiden, mits de naam van de oorspronkelijke maker vermeld wordt) is het probleem in ieder geval terug gebracht tot de vraag welke naam je moet vermelden. En daarmee kan je geit en kool makkelijk sparen: je linkt gewoon door naar het weblog.

Afbeelding van GALERIEopWEG, CC-by-nc-sa.

donderdag 3 december 2009

De verleidingen van het dagelijks leven

Door: Martijn van den Berg
Ik schrijf dit blogje voor mijn doen redelijk laat. De reden hiervoor ligt in een bepaald gedrag dat ik sinds begin middelbare school niet meer bij mezelf heb gezien. Ik heb het niet druk. Toch heb ik af en toe moeite de dingetjes op een rijtje te krijgen.

Ik maak mijn blogje meestal begin van de week, liefst meerdere voor meerdere weken, afhangende van de inspiratie die mijn school me die week geeft. Echter, een van de lastigste dingen als student zijnde is plannen. Als je dingen niet meteen doet, en omdat je vaak veel tijd over hebt, heb je al gauw de neiging om dingen naar het laatste moment te schuiven. Dit werkt meestal, omdat je dan nog genoeg tijd hebt om de dingen goed op een rijtje te zetten.

Echter, in de praktijk blijken dit soort planningen vaak moeilijk. Studenten beslissen vaak niet meer dan een dag van tevoren wat te doen, en in de praktijk leidt dit er vaak toe dat je op het laatste moment gebeld wordt om iets te gaan doen. En aangezien ja zeggen vaak makkelijker is dan nee zeggen, komt het er in de praktijk op neer dat de ene week ontzettend druk is, en de andere ontzettend rustig, maar dat je dit nooit van tevoren weet.

Uiteindelijk heb je wel voldoende tijd en is misschien het grootste probleem nog het geld. De tijd kan je moeilijk plannen, maar in de rustige momenten van de week is het dan vaak verstandig om even achterover te gaan zitten, van de rust te genieten, en dan wat huiswerk te gaan maken of in dit geval een blogje te schrijven. Ze maken het (nog) niet moeilijk voor ons voorlopig, maar als ze dat doen is het zeker verstandig om hier op voorbereid te zijn.

woensdag 2 december 2009

Een tekst in PDF omzetten en vertalen

Afbeelding van logo website ScannedPDFtoWordHet gebeurt mij nogal eens dat ik een pdf-document dat ik heb moet omzetten naar Word. Soms omdat ik een document van iemand anders heb waarvan ik delen wil gebruiken in een ander document en soms ook omdat een document zelf heb opgeslagen als pdf en vervolgens het originele Word-document ben kwijt geraakt. Stom natuurlijk, maar ja: ook oud-bibliothecarissen verliezen wel eens wat ;-)

Als je programma's als Acrobat writer of PDF converter op je p.c. hebt staan zijn dit soort documenten met één druk op de knop om te zetten naar Word. Maar die software is behoorlijk kostbaar, zeker als je er niet zo heel veel gebruik van maakt. Gelukkig zijn er ook minder kostbare alternatieven. Ik maak zelf gebruik van de website ScannedPDFtoWord. Ik ben er erg enthousiast over: je upload het pdf-bestand en je geeft aan op welk e-mailadres je een berichtje wilt krijgen als het bestand geconverteerd is. Het uploaden duurt meestal (aanzienlijk) langer dan het omzetten: als het bestand binnen is gehaald heb je binnen no time een berichtje in je mailbox waar je het geconverteerde bestand kunt downloaden. Het bestand blijft 24 uur online staan, dus je moet het wel direct ophalen en de vormgeving van het oorspronkelijke document blijft over het algemeen prima behouden. Erg handig.

Ook handig voor leerlingen/studenten die moeite hebben om teksten in een vreemde taal te lezen: als je het pdf-bestand hebt omgezet naar Word, kan je het vervolgens inladen in de Google Translate Toolkit. Je hebt voor het gebruik van die toolkit wel een Google account nodig. Je kunt de tekst dan laten vertalen in de taal die je wilt (van Afrikaans tot Zweeds, en - gelukkig - ook Nederlands). Het resultaat wordt direct in je directory van Google Docs gezet: op de linkerkant van het scherm zie je dan de originele tekst; rechts zie je het vertaalde document waarin je kunt aanpassen wat je wilt. Dat is wel nodig want de Google Translate Toolkit geeft een machine-vertaling en die is verre van perfect. Maar het geeft wel een globale indruk van wat er staat en het is een lekker steuntje in de rug voor als je een tekst wilt lezen maar de taal net niet voldoende beheerst.

Met de combinatie van deze tools (ScannedPDFtoWord en Google Translate Toolkit) heb ik al vaak iemand een steuntje in de rug kunnen bieden!

dinsdag 1 december 2009

Storybird: verhalen vertellen

Onlangs kwam ik terecht op de site Storybird. Op deze site kan je prentenboeken maken met kant-en-klare afbeeldingen. Dat is heel eenvoudig om te doen. Eerst vraag je een (gratis) account aan. Als je die hebt, kies je voor de optie 'Create'. Je kunt dan kiezen welke plaatjes je gaat gebruiken. Er zijn 2 mogelijkheden: je kunt kiezen voor de afbeeldingen die door één kunstenaar zijn gemaakt, of voor afbeeldingen rond één thema, gemaakt door verschillende kunstenaars. Als je kiest voor één kunstenaar krijg je soms heel veel afbeeldingen: van sommige kunstenaars zijn wel 80 of 90 afbeeldingen beschikbaar. Vervolgens kies je voor 'Start a storybird'. Je maakt eerst de omslag (aangeduid met een C, voor 'cover') en daarna de verschillende pagina's. Je kunt zelf kiezen hoeveel pagina's je boekje krijgt.

Wanneer je klaar bent met je boekje kan je het opslaan en publiceren. Door het te publiceren maak je het zichtbaar voor anderen. Daarbij heb je de keuze om je boek alleen zichtbaar te maken voor anderen of voor iedereen. Je kunt anderen uitnodigen om een bijdrage te leveren aan je boekje: handig voor als je even niet meer weet hoe je verder moet of gewoon leuk om samen iets moois te maken.

De tool is nog in opbouw. Er komt nog een mogelijkheid om (tegen betaling) je boekje te laten drukken. Maar ook zonder dat is dit gewoon een leuke manier om kinderen met elkaar verhalen te laten bedenken en op te laten schrijven. In het Nederlands of een andere taal: verhalen zijn altijd inspirerend!

Tot slot een paar tips:
  • Als je niet de plaatjes vindt waar je van houdt, ververs dan eens je scherm. Elke keer dat je je scherm ververst komen er andere thema's in de woordenwolk en andere afbeeldingen van kunstenaars.laat de leerlingen eerst de verzameling plaatjes die ze hebben gekozen goed bekijken en een verhaal bedenken. Laat ze eventueel een screendump maken van de plaatjes die ze willen gebruiken en die ergens op de computer opslaan. Als je een keer aan het bouwen bent krijg je alleen nog maar thumbnails te zien van de plaatjes. Je kunt dan alleen de plaatjes in het groot zien als je ze naar de pagina sleept die je wilt gaan maken en dat is erg onhandig.
  • Een verhaal bedenken op basis van bestaande plaatjes is best lastig omdat je vaak net niet het plaatje vindt dat past bij jouw verhaallijn. Een goede aanpak is om leerlingen een verhaal te laten schrijven waarbij de hoofdfiguur een reis maakt en van alles tegenkomt, of waarbij de hoofdfiguur vragen stelt aan allerlei andere figuren.

Did you take my carrot? on Storybird