Posts weergeven met het label examen. Alle posts weergeven
Posts weergeven met het label examen. Alle posts weergeven

dinsdag 15 juni 2010

Peer review

Afbeelding van Peer-review monsterIn de laatste maanden van het schooljaar moeten er op alle scholen tests gemaakt worden. Repetities, examens: niet alleen leerlingen maar ook docenten zijn er druk mee. Maar het hoort er nu eenmaal bij: om inzicht te krijgen in de vorderingen moet kennis getoetst worden.

Om de werkdruk te verminderen, gaan docenten er soms toe over om leerlingen/studenten elkaars werk te laten beoordelen: peer review. Maar dat valt lang niet altijd mee. Leerlingen/studenten zijn niet gewend om dat te doen, ze zijn onbekend met de beoordelingscriteria, ze zien ertegen op om eerlijk hun mening te geven omdat ze de ander niet voor het hoofd willen stoten en ze zien het beoordelen van elkaars werk als extra klus waarvoor ze niet gemotiveerd zijn. De praktijk blijkt daardoor vaak weerbarstiger dan de theorie.

Toch is er veel winst te behalen voor wie erin slaag om peer review vorm te geven. Peer review kan ertoe leiden dat leerlingen en docenten reflecteren op elkaars en hun eigen werk, ze kunnen leren van hun eigen fouten, ze leren hun ideeën onder woorden te brengen en voor de latere beroepspraktijk is het kunnen geven van feedback een belangrijke competentie. Daarnaast is het voor docenten natuurlijk prettig als hun een deel van het nakijkwerk uit handgen genomen wordt: die vrijgekomen tijd kan besteed worden aan andere voor het onderwijs belangrijke zaken en/of er kunnen extra toetsen afgenomen worden waardoor er eerder/beter zicht is op wat leerlingen/studenten wel en niet kunnen/weten.

Van 2006 tot 2009 is bij de Technische Universiteit Delft, de Universiteit Utrecht en de Vrije Universiteit in Amsterdam een project uitgevoerd rondom het werken met peer review. Eén van de deliverables van dit project is een handleiding voor docenten hoe ze peer review kunnen inzetten in hun eigen onderwijspraktijk. Het is een document dat ik iedere docent kan aanraden: het geeft een mooi overzicht van de mogelijkheden van peer review en staat vol met praktische tips hoe peer review in de praktijk georganiseerd kan worden. Voor wie de peer review wil ondersteunen met computers is er ook een overzicht welke software hiervoor gebruikt kan worden.

Handig voor wie opziet tegen het vele nakijkwerk in de komende/huidige repetitie-, tentamen- en examenperiode!

Afbeelding
van Gideon Burton, gepubliceerd onder CC-by-sa.

donderdag 25 juni 2009

Dejá vù

Door: Martijn van den Berg
Ik wist dat ik het beruchte telefoontje zou gaan krijgen. Ik had namelijk mijn keuzevakken niet al te best gemaakt, maar deze kon ik altijd nog schrappen, dat ik in ieder geval de kennis hiervan had. De tak op de weg waren vooral de profielvakken, waarvan ik er 4 heb. Bij 1 onvoldoende zou ik slagen, bij 2 zou ik voor de her gaan, en bij 3 of 4 zou het over zijn. Ik wist zelf niet wanneer ik het telefoontje zou krijgen, maar ik had een vermoeden. Uiteindelijk kwam ik op 2 profielvakken onvoldoende, wat een her betekende. En elk nadeel heeft zijn voordeel, want dit geeft mij de kans te schrijven over de herkansingen en de ervaring die ik erbij heb gehad.

Wat me het meest opgevallen is aan de herexamens, is dat het ongelofelijk wennen was om weer aan de slag te gaan met leren. Toen ik klaar was met de examens, had ik best wel een voldaan gevoel, ook al wist ik dat ik waarschijnlijk nog herexamen moest gaan doen. Ik had gelukkig nog veel onthouden, en daarom was het ophalen van kennis niet zo moeilijk. Maar het zijn toch herexamens en je moet toch net dat beetje extra toevoegen. Je kan niet op geluk vertrouwen, niet bij dingen zoals deze.

Het tweede wat mij vooral opviel is de korte tijd waarin je je herexamens moet leren. Ik werd donderdag gebeld, en moest minder dan een week later herexamens doen. Vijf dagen lijkt veel, maar als je het vergelijkt met de tijd die je voor het leren van de examens hebt, en dat je in dit geval zowel moet herhalen als elementen aan je kennis toevoegen. Daarnaast zal de gemiddelde student deze week niet compleet vrij houden van afspraken, dus als je hoort dat je een herexamen moet doen, moet je van alles gaan verzetten, omdat het herexamen meestal toch wel belangrijk is.

Herexamen was voor mij een aparte beleving. Het was voor mij niet zozeer stress, maar het was toch even een onderbreking in het vakantiegevoel. Ik krijg woensdag de uitslag, dus waarschijnlijk gaat het volgende blogje over het gevoel van slagen/zakken. (Waarschijnlijk slagen ;-))

donderdag 11 juni 2009

De lange vakantie

Door: Martijn van den Berg
Na het examen is er een periode van rust. Een vervroegde vakantie als het ware. Deze vakantie duurt vier weken meer dan de reguliere vakantie en dit betekent dat je dus bijna drie maanden (een kwart jaar) vakantie hebt. De eerste reactie van de gemiddelde scholier zou waarschijnlijk joepie zijn, en voor mij is het zeker geen overbodige luxe, maar wat kan je met al die tijd?

Veel mensen nemen deze tijd om nog even bij te verdienen voor men de vervolgstudie start. Op vakantie kan helaas niet, want je moet nog boeken inleveren en bereikbaar zijn voor de uitslag. Bovendien is niet iedereen vrij, dus misschien een beroerd tijdstip om allemaal wilde dingen te plannen. Examenfeesten zijn in deze periode erg gewoon, maar je kan niet blijven feesten. Hoe gaan we dit doen?

De geweldige oplossing voor dit probleem ligt hem misschien in het grote uitvalpercentage onder vervolgstudies. Voor een deel doordat mensen er achter komen dat dit toch niet helemaal hun ding is. Dit kan je hiermee niet aanpakken, misschien met wat extra informatie, maar mocht men dit willen wijzigen is het in veel gevallen al te laat. Het tweede probleem zit hem in het niet kunnen en het o zo verleidelijke studentenleven. En hier kan je in de vakantie nu net wel wat aan doen.

Het zou misschien leuk zijn als je een deel van het begin van de opleiding in de vakantie zou kunnen doen, zodat de eerste periode niet zo zwaar valt. Dit betekent niet alleen dat je in de eerste periode minder studielast gaat hebben, maar ook als de studie tegenvalt, zul je dit in een eerder stadium ontdekken. Nadeel van dit systeem is wel dat men hier extra geld en moeite in moet steken, aangezien het naast de extra tijd die het kost, niet iedereen hieraan wil meedoen. Dit maakt dit systeem nuttig, maar toch kostbaar.

vrijdag 29 mei 2009

Examentijd: aardrijkskunde en Engels

Voor mij alweer het laatste examentijd blogje. Anderen gaan begin volgende week nog door, maar bij mij zit het erop. Ik heb vakantie! Alles is af. En nu wachten op de resultaten...

aardrijkskunde:
Aardrijkskunde is een vak van het toepassen van kennis. Wat je leert valt niet echt concreet samen te vatten, waarna je vooral moet oefenen op het toepassen van deze kennis in verschillende situaties. Dit maakt het vaak warrig, omdat je dus nooit kan testen of je het goed doet of niet. Aardrijkskunde is mijn zwakke vak, en dus de zwakke schakel in het halen van mijn examen. Ik was dan ook niet verbaasd dat het niet zo goed ging met aardrijkskunde. Ik zal het waarschijnlijk altijd een lastig vak blijven vinden.

Engels:
Engels maakt de tegenstelling van de donderdag compleet. Zo moeilijk als ik aardrijkskunde vond, zo makkelijk vond ik Engels. Ik krijg nu al 6 jaar Engels in het Engels, en om het normale VWO examen Engels te maken, is natuurlijk niet zo moeilijk dan. Het enige moeilijke aan Engels bij het lezen van de tekst vind ik de vragen waarbij eigenlijk twee antwoorden goed kunnen zijn, en je moet gaan afwegen welke nu beter past.

Ik blijf tot de zomervakantie nog steeds iedere donderdag een blogje schrijven.

donderdag 28 mei 2009

Examentijd: Duits en economie

Gisteren heb ik bij elkaar opgeteld 7 kantjes aan examen geschreven. 2 voor Duits en 5 voor economie. Kortom: genoeg na te kijken voor de desbetreffende docenten.

Duits:
Als eerste stond gisteren Duits op het programma. Duits is een vak dat bestaat uit vier onderdelen: Lezen, spreken, luisteren en schrijven. De laatste drie worden op school getoetst in de vorm van een schoolexamen. Dit telt totaal voor de helft mee. De andere helft is het lezen, wat dan ook gisteren getoetst werd in de vorm van een examen met 9 teksten. Nu is Duits een vaardigheidsvak, je kan ervoor oefenen, maar je moet het over de jaren opbouwen om zichtbaar resultaat te krijgen. Ik heb aardig voor teksten geoefend en begreep de teksten dan ook aardig. Het aparte van Duits is dat je een antwoord nooit zeker weet en dan ook geen flauw idee hebt welke kant je cijfer op gaat.

Economie:
Als je mij in het begin van het jaar gevraagd zou hebben hoe het met economie zou zijn gegaan, zou ik gezegd hebben dat dat geen probleem was. Echter, dit jaar zijn mijn cijfers langzaam gedaald tot het niveau van mijn andere cijfers: gemiddeld. Economie is mij tegengevallen dit jaar, omdat het heel erg breed is. Voor de laatste weken heb ik er een tandje bij gezet om alles weer bij te werken. Ik vond dat dit proefwerk heel erg veel ging om het begrijpen van grafiekjes en het verwerken daarvan, en heel erg weinig om het grote verbanden leggen, waar economie vaak om gaat. Dit was aan de ene kant wel jammer, want ik had niet echt het gevoel dat ik mijn economische kennis goed kon benutten, maar aan de andere kant ook wel lekker, omdat je wel weet waar je goed hebt gescoord.

Donderdag: Engels en aardrijkskunde (laatste dag)

Hoe moeten we onze examens verdelen?

Door: Martijn van den Berg
Op het moment dat dit postje verschijnt, ben ik mij waarschijnlijk mentaal aan het voorbereiden op mijn laatste twee examens, welke zeker niet de meest onbelangrijke zijn. Ik vond het ongelofelijk apart om mee te maken, en ongelofelijk chaotisch. Je wordt niet compleet in het diepe gegooid, maar na zes jaar dezelfde schoolstructuur een heftige afsluiting te hebben, is toch wel apart. Ik wil het daarom ook graag hebben over een ander systeem van examen doen dat op sommige scholen al bestaat. Dit betekent dat je de helft van je examens een jaar eerder doet, en dan ook dat jaar zeer intensief met die vakken bezig bent.

Mijn eerste reactie zou zijn dat dit wel lekker was, omdat je het aan het eind niet zo hectisch hebt. Een jaar eerder de helft van je examens zou betekenen dat je eigenlijk in de tijd dat andere leerlingen zwaar zitten te blokken, zelf maar half zit te blokken, en dus eventueel meer aandacht kan besteden aan belangrijke vakken en makkelijker een pauze kan nemen van het leren.

Maar dit zou ook betekenen dat je een jaar bijna alleen maar met de helft van je uiteindelijke vakken bezig zou zijn, en dat je dus in een jaar moet leren waar anderen twee jaar over doen. Dit kan een voordeel zijn, omdat je dan compleet volgepropt wordt met kennis over een bepaald gebied, maar dit kan ook een nadeel zijn, omdat je dan dingen heel erg goed moet bijhouden. Bovendien is het uiteindelijke rendement na het examen minder, omdat je alles zo snel moet leren.

De helft van je examens een jaar eerder doen betekent dat je een hele goede werkmentaliteit moet hebben om je hoofd bij de feiten te houden. Dit betekent dat je al je schoolonderzoeken versneld hebt, waardoor het echt belangrijk is dat je eventuele klappen in je cijfers snel opvangt. Persoonlijk zou ik het wel hebben willen hebben, om je goed te kunnen concentreren op de verschillende vakken. Bovendien zou ik het met de examentijd veel makkelijker hebben gehad. Ik denk alleen dat ik een dergelijk systeem niet aankan omdat het systeem mij in zou halen, en ik er achteraan zou moeten komen rennen.


donderdag 21 mei 2009

Examentijd; geschiedenis

Met een dag onderbreking ben ik vandaag weer verder gegaan met de missie die men in professionele termen examen noemt. Vandaag stond geschiedenis op het programma.

Geschiedenis:
Tegen dit examen heb ik opgekeken.  Er was namelijk iets unieks aan de hand bij het examen geschiedenis. De stof die we op het examen kregen, was bij ons nauwelijks getoetst bij de schoolexamens, en wij moesten dus in vier weken onszelf wijsmaken van een hele nieuwe wereld. Mijn grote probleem bij de vragen geschiedenis, is dat ze meestal niet naar feiten vragen, maar indirect naar informatie. Het zogenaamde toepassen van informatie en het plaatsen in de tijd met behulp van bronnen. Het proefwerk zelf was goed te doen, op sommige punten zelfs interessant. Enige dubieuze van dit soort proefwerken vind ik vragen die gaan over of een bron wel bruikbaar is voor onderzoek. ik vind dit zo weinig te maken hebben met geschiedenis zelf.

Volgende examen: wiskunde op maandag

dinsdag 19 mei 2009

Examentijd: Nederlands en M&O

Door: Martijn van den Berg
Omdat ik nu mijn eindexamens heb, en het voor mij wel een aparte ervaring is, heb ik besloten om, naast de 'gewone' post, na ieder examen een klein extra post te maken over ieder examen. Gisteren: Nederlands en M&O

Nederlands:
Nederlands is een examen waar je goed in bent of niet. Je krijgt een tekst met vragen en je moet een samenvatting maken, en als je niet goed bent in beide, heb je een probleem. Ik heb vooral keihard geoefend met samenvattingen, omdat je bij die dingen altijd precies een bepaalde tekst moet schrijven en het daardoor af en toe net is als een loterij. Ik vond de tekst in dit examen niet makkelijk. Het was erg sporadisch, de tekst sprong van de hak op de tak. De samenvatting was redelijk te maken, maar het natuurlijk altijd moeilijk in te schatten hoe zoiets nu precies moet.

M&O
Ik ben met mijn methode van M&O heel erg de diepte in gegaan. Onze methode leerde ons altijd veel meer dan we moesten weten en deed dat meet heel erg veel tekst. Het examen blijft altijd een beetje bij de basis, en met weinig uitzonderingen. Zo ook dit examen, dat wel een paar kleine instinkers bevatte, maar voor de rest voor degene die de stof goed beheerst goed te doen is. De formulekaart was erg handig, en ik moet toegeven dat ik het zelfs nog wel leuk vond om te doen. Enige minpuntje is de doorrekenvraag op het eind, wat ik wel jammer vond.

Volgende examen: woensdag, geschiedenis

donderdag 23 april 2009

Kunstmatige examenstress

Door: Martijn van den Berg

Ondanks andere belangrijke activiteiten begint bij mij het "aftellen-voor-het-examen" fenomeen toch wel aardig te komen. Ik ben misschien niet altijd de meest gemotiveerde student geweest, maar als je bedenkt dat je, na de 100% aan examencijfers die je al gehaald hebt, je opeens in 2 weekjes nog 100% moet doen, begint er toch wel een balletje te rollen. En dan begin je in mijn geval goed naar je sterke en zwakke punten te kijken.

Als mensen aan mij vragen hoe ik er voor sta met mijn examen, weet ik vaak moeilijk te antwoorden. Goed is niet het goede woord, omdat het totaal niet zeker is of ik slaag. Slecht vind ik ook niet het goede woord, omdat ik toch nog een aardige marge ingebouwd heb en een paar opties om vakken eventueel te laten vallen. Het is alleen dat, als ik naar het afgelopen jaar kijk, ik zie dat mijn cijfers die ik in de vijfde klas deels heb opgebouwd, voor het grootste deel omlaag zijn gegaan. En als ik naar dit jaar kijk, dat ik zie dat vooral in de laatste periode cijfers aardig omlaag gaan. En als ik kijk naar de cijfers van andere leerlingen, zie ik meestal hetzelfde.

De reden hiervoor ligt op onze school, en heeft een aantal docenten mij uitgelegd. Ik vond de proefwerken van deze toetsweek erg moeilijk, terwijl ik in deze toetsweek misschien wel de meeste moeite heb gestopt van allemaal. De reden ligt bij proefwerken die onduidelijk zijn, streng nagekeken worden en strikvragen. Ik heb het gevoel dat ik deze toetsweek flink onder handen ben genomen. Dit komt doordat docenten ons een steuntje in de rug willen geven, ons scherp maken dat we er nog niet zijn, zorgen dat we extra hard gaan leren voor de centrale examens. Daarom proberen ze de laatste toets zo moeilijk mogelijk te maken. Dit verbaasde mij enigszins.

Ik kan de redenering begrijpen, en ik denk dat het aardig wat mensen scherp heeft gemaakt. Maar ik denk ook dat het grootste aantal mensen zich zelf wel realiseert dat dit belangrijk is en dat er veel moeite voor moet worden gedaan. Er zullen wel een aantal leerlingen makkelijk over denken vanwege het mooie weer, en de vele afleiding die er is, maar als het gemiddelde van een proefwerk een 4,5 is, (een van de proefwerken) denk ik toch echt dat je als docent hier iets te ver in bent gegaan, en dus zal moeten ophogen. De laatste toets moeilijk maken kan een goed idee zijn, maar je moet heel goed weten wat je doet.

donderdag 16 april 2009

De beste voorbereiding op het examen?

Door: Martijn van den Berg

Na de laatste toetsweek, die helaas de moeilijkste scheen te zijn ondanks alle beloftes van leraren, is het gebruikelijk met alle examenkandidaten dat ze examentraining krijgen. Zo ook ik. Examentraining betekent dat je twee weken een rooster hebt met alleen maar blokuren, waarin de meeste leraren zeggen dat je maar zelfstandig uit je examenbundel moet gaan werken, waar je als je vragen hebt de docent in kwestie kan vragen wat je niet weet. Nu zijn blokuren meestal al moeilijk vol te houden, maar een hele dag in blokuren je concentratie houden is heel lastig. Is dit wel de manier?

Ik twijfel, en dan wel tussen drie mogelijkheden. De eerste is bovengenoemde. De voordelen hiervan zijn dat je precies weet hoe een examen gaat, hoe het er uit ziet en welke volgorde alles heeft. Nadeel hiervan is dat je heel veel aan het echte examen gaat denken en dan uiteindelijk last gaat hebben van de bekende examenstress, zeker als de docent nog meer stresst voor jou examen dan jij.

Tweede mogelijkheid is de tijd gebruiken om zelfstandig te leren. Voordeel hiervan is dat het vaak beter is dan naar de twee uur durende speech van sommige docenten te luisteren. Bovendien zit je dan lekker thuis in een vertrouwde en rustige omgeving. Nadeel hiervan is dat je bij het examen de omgeving niet hebt en door zelfstandig te leren misschien niet gericht leert en je zwakke punten niet goed leert kennen.

Derde mogelijkheid om te leren voor het examen is gebruik te maken van het internet en andere media. Doordat je niet alleen tekst leest, maar ook plaatjes en filmpjes ziet, leer je veel sneller dingen. Het is ook niet zo langdradig en hersendodend. Nadelen zijn wel dat je eerst gericht materiaal moet vinden en dat er vaak nog steeds dingen nodig zitten die je uiteindelijk niet nodig gaat hebben voor je examen.

Drie methoden, alle hebben ze voor-en nadelen. Ik probeer het voorlopig op een combinatie te houden, alleen ik vind het jammer dat ik eerst twee weken examentraining heb, en daarna zelfstandig moet gaan leren. Ik had liever wat minder uurtjes examentraining op een dag gehad en het dan verspreid over meer weken. Dan was het rendement wat hoger. Ik denk dat zowel twee weken de hele dag examentraining als twee weken zelfstudie heel erg vermoeiend is. Maar in dat soort tijden heb je altijd nog de koffiepot.

donderdag 18 september 2008

Het gemene aan geen cijfers

Door: Martijn van den Berg
6VWO, het jaar dat bekend staat als het laatste jaar van een lang durende opleiding, het jaar waar je enige cijfers de cijfers zijn die zwaar tellen, het jaar waarin je alles wat je doet goed moet doen, anders ga je lerend ten onder. Je hoort over mensen die continu zitten te leren. Ik neem deel aan dit jaar. En toch, ik heb behalve alle preken van de mentor over studiekeuze en de uitleg van leraren over examentoetsen nog niets gemerkt.

De planner is niet leeg. Het enige dat me opvalt is dat onder het anders zo volle vakje met toetsing meestal slechts één ding staat, af en toe zelfs niets. Dit komt omdat men het nutteloos acht cijfers te geven in het laatste jaar behalve de examencijfers om de redenen dat leerlingen al genoeg werk hebben en omdat men het nutteloos vindt mensen een kans te geven dat ze niet over gaan terwijl ze wel al hun examens gehaald hebben.

En dit vind ik terecht, maar aan de andere kant ook verraderlijk. Want sommige mensen hebben toetsing nodig als motivatie om te werken. Toetsing is niet alleen een manier om te testen wat leerlingen weten, het is ook een manier om ze bij te houden. En het probleem met huiswerk is dat als je het niet bijhoudt, het heel moeilijk is om op te pakken. Daarnaast is er ook nog het probleem van de bezemklas, die wij schijnen te zijn. Dat betekent dat als iemand uit mijn jaar het examen niet haalt, hij een probleem zal krijgen vanwege de vernieuwde tweede fase.

Op dit moment heb ik een rustige start. Dit betekent dat ik alles probeer bij te houden. Maar uiteindelijk zal ik er ook aan moeten geloven. Het laatste jaar. Ik weet nog niet precies hoe druk het gaat worden, maar zeker is wel dat ik er flink aan zal moeten trekken. Ik ben toch van plan na dit jaar van deze school weg te zijn.