Posts weergeven met het label zoekmachines. Alle posts weergeven
Posts weergeven met het label zoekmachines. Alle posts weergeven

maandag 5 maart 2012

Zoeken, missen of vinden

Zoeken, en vooral: vinden, is iets waar ik me graag mee bezig houdt. Er is zo verschrikkelijk veel te vinden op het web: daar kan ik me uren in verdiepen. Informatie zoeken voor mijn werk, voor hobby's, leuke filmpjes, boeken: internet is de meest rijke bibliotheek die ik ken. Je moet er wel moeite voor doen om wat te vinden, maar gelukkig zijn er behoorlijk wat gereedschappen die je helpen om te vinden wat je zoekt. Hierbij een overzicht van mijn belangrijkste hulpmiddelen om mezelf te voorzien van de informatie die ik wil hebben.

Allereerst zijn er een heleboel mensen die me wijzen op interessante informatie. Gratis en voor niets krijg ik via het sociale web tips naar interessante websites. In de weblogs en de tweets die ik lees zie ik verwijzingen naar interessante websites en blogs. En natuurlijk zijn er ook mensen die reageren op mijn blogposts en mij wijzen op sites die ik  nog niet had ontdekt. Het voordeel van dit soort verwijzingen en tips is dat ze al gefilterd zijn. Ik ben er immers gekomen omdat ik ernaar verwezen ben door mensen die ik (virtueel) ken en wiens expertise ik waardeer. Mijn internet-netwerk levert me heel veel interessante informatie op, en als ik vragen heb waar ik zelf het antwoord niet op kan vinden, is er altijd wel iemand die me op weg kan helpen.

Maar er zijn natuurlijk ook manieren om zelf het antwoord op vragen te vinden. Net als (bijna) iedereen, maak ik graag en veel gebruik van de zoekmachine Google. Maar dat is zeker niet de enige zoekmachine die ik gebruik. Ten eerste omdat er geen enkele zoekmachine is die alles op het web ontsluit, dus als je zoveel mogelijk wilt vinden, loont het altijd de moeite om meer zoekmachines te gebruiken. Dus zoek ik ook wel eens met Bing, Ask, iSeek en een metazoekmachine zoals Metacrawler waarmee ik met één klik de database van 3 verschillende zoekmachines (Bing, Yahoo en Google) doorzoek.

Een andere reden om gebruik te maken van meer zoekmachines is dat Google een selectie maakt van wat ik te zien krijg op basis van wat de zoekmachine denkt dat interessant is voor me. Google weet verschrikkelijk veel van zijn gebruikers: natuurlijk door de vragen die we stellen via hun zoekmachine, maar ook door de sites die door Google gemonitord worden1, door de mail die we via Google versturen, de documenten die we maken, de statistieken die we door Google bij laten houden enz. Op basis hiervan maken ze profielen van hun gebruikers en bepalen ze welke treffers ze hoog in de resultatenlijst zetten als je iets zoekt met hun zoekmachine. Vaak is dat erg handig, maar het kan ook gebeuren dat je door die (door computers gemaakte) selectie, belangrijke informatie mist. In Nederland is hiernaar onderzoek gedaan door o.a. het Rathenau-instituut (onderzoek: Voorgeprogrammeerd: op 27 maart wordt hun boek met de resultaten van het onderzoek gepresenteerd). In onderstaande video zie je een presentatie van Eli Pariser over de 'filter-bubble'.

Naast allerlei zoekmachines maak ik ook graag gebruik van door anderen geselecteerde informatie. Ik maak gebruik van collecties die door anderen zijn opgebouwd, bijv. van YURL's en Symbaloo collecties.
En via mijn eigen online favorieten kom ik terecht bij anderen die dezelfde site hebben opgeslagen en door naar die lijstjes door te klikken, vind ik vaak weer een heleboel voor mij onbekende, maar erg interessante sites.

Een site die een beetje tussen een zoekmachine en een favorietenverzameling inhangt en erg waardevol is voor de beta-vakken, is Wolfram|Alpha. Met Wolfram|Alpha doorzoek je niet het web, maar data die verzameld en beoordeeld zijn door experts. Wolfram|Alpha gebruik je als je op zoek bent naar feiten, bijvoorbeeld als je wilt weten wanneer een bepaalde vulkaan voor het laatst actief was, hoever Venus verwijderd is van Mars, als je snel een vergelijking wilt uitrekenen of als je wilt weten wie bij de Olympische spelen in 2000 een medaille wonnen bij het onderdeel zwemmen. Het handige van Wolfram|Alpha is dat je je vraag in gewone (Engelse) taal kan stellen. Wolfram|Alpha geeft dan aan hoe hij je vraag interpreteert (input interpretation) en doet suggesties als hij je vraag op meer manieren kan interpreteren. Met name voor docenten en voor bovenbouwleerlingen Havo/VWO is Wolfram|Alpha een een site die in de favorietenlijstjes thuis hoort.

Een site die lijkt op Wolfram|Alpha (of eigenlijk moet ik zeggen: een voorloper van Wolfram|Alpha) is Google Scholar. Ook Google Scholar is een zoekmachine die zoekt in een afgebakende collectie. De collectie waar Google Scholar uit put bevat wetenschappelijke informatie: artikelen uit wetenschappelijke tijdschriften, scripties en overheidspublicaties. Google Scholar beperkt zich niet tot de beta-wetenschappen, maar omvat alle wetenschappen. Met Google Scholar krijg je, net als met gewone zoekmachines, een lijst met resultaten. Wil je snel een overzicht van de belangrijkste feiten over een bepaald onderwerp dan kan dat lastig zijn en biedt Wolfram|Alpha sneller resultaat, maar als je je breed wilt oriënteren op een onderwerp dan kan je beter terecht bij Google Scholar.


1 Wil je weten welke sites Google allemaal in de gaten houdt? Download dan eens dit Google-alarm, gemaakt door het kunstenaarscollectief F.A.T. (Free Art and Technology).

Afbeelding van Tama Leaver, gemaakt onder CC-by-nc-sa



.

dinsdag 17 mei 2011

Filmpjes in de les

afbeelding van een oude filmprojectorZoals beloofd vandaag aandacht voor het zoeken van filmpjes die je kunt gebruiken in je les. Waar kan je ze vinden en hoe kan je ze gebruiken?

De meest bekende site om filmpjes te vinden is natuurlijk YouTube. Een prachtige site met heel veel mooi materiaal. Denk niet dat er alleen maar grappige filmpjes op staan: er is voor het onderwijs heel veel interessant materiaal te vinden. Zoek maar eens op woorden als 'grammatica', 'natuurkunde' of 'WOII': dat levert veel bruikbare filmpjes op. Wil je niet het hele filmpje gebruiken maar alleen een fragment, dan kan je o.a. gebruik maken van TubeChop.

Een andere mogelijkheid die YouTube biedt is het volgen van mensen of (onderwijsorganisaties) die filmpjes uploaden in een eigen kanaal. Er zijn verschillende universiteiten en hogescholen die een eigen YouTube kanaal hebben (bijv. de OU, de RUG, TUDelft en pabo Edith Stein), de omroep heeft verschillende kanalen (bijv. Schooltv-weekjournaal en Hoezo Radio) maar ook de Onderwijsinspectie, Scholierentv met filmpjes over allerlei beroepen, Werelddocent met informatie over wereldburgerschap en van Uitlegklas, een kanaal met filmpjes over wiskunde. Het loont de moeite om eens een avondje rond te kijken op YouTube, een account aan te maken en je dan te abonneren op relevante kanalen en de filmpjes die je leuk vindt op te slaan als favorieten.

Maar YouTube is natuurlijk niet de enige site met filmmateriaal: er zijn er veel meer. Wil je snel een groot aantal sites met filmmateriaal doorzoeken, dan is de zoekmachine Dik.nl een aanrader. Daarmee doorzoek je in één keer maar liefst meer dan 30 bronnen.

Er zijn sites die gespecialiseerd zijn in instructiefilmpjes, bijv. eHow, Wonderhowto en het Nederlandstalige Hoe moet dat dan. Ook op de site van Technopolis en van Willem Wever vind je een heleboel filmpjes waarin uitleg wordt gegeven over allerlei onderwerpen. Op de YURLpagina 'Bekijk het maar' vind je nog veel meer instructiefilmpjes over allerlei verschillende onderwerpen. Een mooi overzicht van filmpjes over technische onderwerpen vind je op de site Kinderpleinen.

Er is binnen YouTube een categorie gecreëerd waarin video's voor het onderwijs worden verzameld: YouTube-Edu. Een soortgelijke site is TeacherTube. Hier vind je niet alleen video's, maar ook lesbrieven, werkbladen en presentaties. Helaas Engelstalig, dus niet voor iedereen toegankelijk, maar wel erg de moeite waard is de Khan Academy, met videolessen over o.a. wiskunde, natuurkunde, scheikunde, biologie en economie. Wil je nog meer materiaal dat speciaal gemaakt is voor het onderwijs, dan is het de moeite waard om te zoeken naar screencasts, bijv. over Engelse grammatica op YouTube, Screenr (via Google) of Screencast-O-Matic.

Er zijn ook gratis toegankelijke, Nederlandse verzamelingen speciaal voor het onderwijs, bijv.:
  • Teleblik (toegankelijk voor scholen via een - gratis- Entree-account,
  • Academia (toegankelijk voor het hoger onderwijs),
  • Schooltvbeeldbank. Als je daar een clip vindt met daarachter 'plus', dan is er bij die clip speciaal lesmateriaal gemaakt: een werkblad, een quiz of links naar relevante sites.
De omroepen hebben veel materiaal dat net speciaal voor het onderwijs is, maar wel erg de moeite waard, bijv.
Ter afsluiting van dit overzicht nog de tip om een kijkje te nemen op Leraar24: videomateriaal (met aanvullende informatie) voor leraren die meer willen weten over de onderwijspraktijk.

Afbeelding van markrabo, gepbuliceerd onder CC-by-nc-sa.

maandag 16 mei 2011

Beeldmateriaal voor in je les

afbeelding van een geïllustreerd (Arabisch) boekBijna elke leraar doet het wel eens: zijn eigen lesmateriaal maken. Leuk, want je kunt het afstemmen op de actualiteit, wat je zelf boeiend vindt en natuurlijk de mogelijkheden en interesses van je leerlingen. Lastig ook want waar een uitgever van lesmateriaal contacten heeft met allerlei vormgevingsbureaus, tekenaars, fotografen en andere 'beeldmakers', moet jij het doen met de beeldmaterialen die - gratis - voorhanden zijn. Meestal zal je daarvoor op internet op zoek gaan naar bruikbare beelden. Maar die mogen, zoals we allemaal inmiddels wel weten, lang niet altijd gebruikt worden voor lesmateriaal. In deze blogpost daarom aandacht voor het zoeken naar statisch beeldmateriaal voor lessen. In een volgende blogpost ga ik in op het zoeken naar dynamisch beeldmateriaal: films.

Als je op zoek bent naar statisch beeldmateriaal voor je les, dan doe je er goed aan te zoeken naar materiaal dat gepubliceerd is onder een Creative Commons licentie. Dat is materiaal dat je vrij mag gebruiken (soms alleen voor niet-commerciële doeleinden), mits je de naam van de maker erbij vermeld. Afbeeldingen die gepubliceerd zijn onder een Creative Commons licentie kan je o.a. vinden via:
  • Google Afbeeldingen Advanced Search (allerlei beeldmateriaal: tekeningen, foto's, cartoons enz.. Kies bij 'Gebruiksrechten' voor 'gelabeld voor hergebruik'). Sinds vorige week biedt Google een nieuwe optie hierbij: nadat je gezocht hebt, kan je het materiaal laten sorteren op onderwerp. Google zet dan de afbeeldingen die passen in een bepaalde context bij elkaar. Zoek je bijvoorbeeld op de term 'hart' en laat je dat door Google sorteren op onderwerp, dan wordt het gesorteerd in o.a. de categorieën hart mens, menselijk hart, zwart hart, hart liefde, rood hart, hart tekening enz.
  • Yahoo advanced Search (evenals bij Google alle soorten statisch beeldmateriaal)
  • Flickr Advanced Search (fotomateriaal. Kies bij '©/Creative Commons' voor 'Only search within Creative Commons-licensed content'),
  • Zoek naar beeldmateriaal op de Wikipedia's uit alle landen met de Wikimediacommons zoekmachine. Ook dit materiaal mag vrij gebruikt worden, meestal met als voorwaarde dat de naam van de maker vermeld wordt.
  • Everystockphoto: een zoekmachine voor vrij te gebruiken fotomateriaal, o.a. te vinden op Flickr. Handig van deze site is dat bij iedere afbeelding duidelijk wordt vermeld wat de licentie is,
  • Morgue File: een verzameling foto's van creatieven voor creatieven. Dat betekent dat bij de meeste foto's het accent ligt op de kunstzinnige waarde en minder op educatieve mogelijkheden of nieuwswaarde. Maar dat betekent zeker niet dat er niets bruikbaars tussen zit!
  • Pics4Learning, een collectie foto's die in het onderwijs gebruikt kunnen worden,
  • In de Open Clip Art library en in Clip Art ETC vind je vrij te gebruiken tekeningen,
  • Het UK Centre for BioScience heeft een verzameling van afbeeldingen die vrij gebruikt kunnen worden voor onderwijskundige doeleinden. De collectie kan o.a. doorzocht worden op trefwoord en op onderwerp,
  • Digital Saskatchewan heeft bijna 9000 foto's die geschikt zijn voor het onderwijs,
  • De foto's op de sites Picapp en Ga Het Na (van het Nationaal Archief) kan je niet (gratis) downloaden, maar je krijgt er wel een link waarmee je ze in je leermaterialen kan embedden. Het nadeel daarvan is natuurlijk dat als de foto weggehaald wordt van de site, die ook verdwijnt uit de les die je hebt gemaakt. Maar die kans is niet zo heel groot en de collecties zijn te mooi om er geen gebruik van te maken.
Wil je nog meer portals met vrij te gebruiken beeldmateriaal? Kijk dan eens op de wiki Copyright friendly Images, Wikimedia Free Image Resources of Pepermunt.net.

Tot slot een aantal tips.
  • Bedenk tevoren wat voor materiaal je wilt hebben. Zou een particulier een foto gemaakt kunnen hebben van het onderwerp? Dan is het handig om te zoeken bij Flickr. Maar als je een tekening wilt hebben van het menselijk lichaam, dan kan je beter http://www.blogger.com/img/blank.gifterecht bij de Advanced Search van een zoekmachine zoals Google of Yahoo.
  • Als je op zoek bent naar beeldmateriaal dat ook in andere landen gebruikt wordt in de les (bijv. afbeeldingen van het menselijk lichaam, afbeeldingen van apparaten, historische afbeeldingen) zoek dan niet alleen met Nederlandse zoektermen, maar gebruik ook Engelse, Franse of Duitse zoektermen.
  • Vergeet niet de naam van de maker te vermelden bij de afbeeldingen. Als regel is dat verplicht maar het is voor de makers natuurlijk ook leuk om hun naam genoemd te zien en misschien ook een stimulans voor hen om nog meer van hun materialen onder een Creative Commons licentie ter beschikking te stellen van anderen.
  • Wil je foto's delen met anderen of bewerken (verkleinen, een uitsnede maken, iets toevoegen of weghalen) en weet je niet hoe dat moet? Op Pepermunt.net vind je waar en hoe je dat kunt doen. Een erg handige site!
Tot slot: als je wilt dat ook mensen met een visuele beperking je les goed kunnen bekijken, dan is het slim om een afbeelding te voorzien van een z.g. 'alt-tag': een tekst die je te zien krijgt wanneer je met je muis over het plaatje beweegt. Daarmee maak je niet alleen je materialen beter toegankelijk voor mensen met een functionele beperking: het materiaal wordt ook beter vindbaar en de gebruikersvriendelijkheid beter. Digitale toegankelijkheid is nu al een verplichting in het middelbaar en hoger beroepsonderwijs en in het universitair onderwijs. Laten we niet wachten tot dat ook verplicht wordt in de andere sectoren, maar er nu alvast mee aan de slag gaan!

Veel succes!

Afbeelding van docman, gepubliceerd onder CC-by.

woensdag 16 maart 2011

Tools en betere tools

Ja, ik geef het toe: ik maak graag en veel gebruik van allerlei tooltjes. Ik vind het leuk om te kijken wat mensen allemaal bedenken en hoe ik die tooltjes kan gebruiken in mijn eigen werk. Er zijn ongelooflijk veel handige dingetjes te vinden die je leven aangenamer maken: gereedschappen die samenwerken makkelijker maken, tools waarmee je beeld kunt aanpassen aan je eigen wensen, tools om met anderen van gedachten te wisselen enz.

Ik ontdek nog regelmatig nieuwe tools die ik kan gebruiken. Lang niet altijd doet zo'n tool precies wat ik wil. In dat geval zoek ik dan naar soortgelijke tools, die beter passen bij mijn doelstellingen. De ideale tool, waarmee ik alles kan doen wat ik wil heb ik nog niet gevonden, maar mijn gereedschapskist is inmiddels wel aardig gevuld. En mocht ik ooit nog die éne multitool ontdekken, dan horen jullie dat van me!

Wil je dat niet afwachten of ben je zelf op zoek naar een alternatief voor een tool die je al gebruikt dan kan ik je misschien wel wat tips geven waar je tools kunt vinden. Een heel goed overzicht van handige tools voor het onderwijs is gemaakt door Jane Hart. In deze lijst vind je meer dan 2000 onderwijstools bij elkaar, ingedeeld in categorieën, zoals blogtools, wikitools, maar ook tools om presentaties te maken, om nieuwsbrieven te maken, in je eentje een mindmap te maken of met een aantal mensen samen, en nog veel meer.

Heb je al iets gevonden wat je handig vindt en ben je op zoek naar een betere variant daarvan, dan kan ik je de zoekmachine Similarsitesearch aanraden. Daar kan je de URL intypen van een tool waarvoor je een alternatief zoekt. Similarsitesearch geeft dan 50 sites die daarop lijken. Je kunt zelf Similarsitesearch verbeteren door alternatieven die niet genoemd worden aan te melden. De resultaten van Similarsitesearch vind ik behoorlijk goed; zeker beter dan de simular-site-search-optie van Google. Maar vergelijk zelf: de resultaten van een zoektocht naar vergelijkbare tools als Wallwisher, met Similarsitesearch en met Google. Welke van de 2 vind jij het beste?

Afbeelding van purolipan, gepubliceerd onder CC-by-nc-nd.

dinsdag 7 december 2010

DeweyDigger

screenshot DeweyDiggerIn bibliotheken worden informatieve boeken opgeruimd op onderwerp. Daarvoor zijn verschillende systemen. In de openbare bibliotheek in Nederland wordt meestal gebruik gemaakt van SISO: Schema voor de Indeling van de Systematische catalogus in Openbare bibliotheken. Ik heb zelf tijdens mijn opleiding daarmee gewerkt maar ook met UDC (Universeel Decimaal Classificatiesysteem): een soort uitgebreide versie van SISO. Maar bijna alle systemen werken volgens hetzelfde principe: alle onderwerpen worden ingedeeld in een tiental hoofdgroepen, die op hun beurt weer onderverdeeld worden in subgroepen enz. Het is handig als je een beetje overweg kunt met dit soort indelingssystemen: het kan je veel tijd besparen bij het zoeken naar literatuur.

Om ervaring op te doen met zo'n indelingssysteem hoef je niet naar de bibliotheek. Je kunt je leerlingen op het web eens laten spelen met Dewey Digger, een tool om te leren werken met de Dewey Decimal Classification (DDC). De DDC is een indelingssysteem dat veel in de VS gebruikt wordt. Ons SISO-systeem is sterk verwant met de DDC: de indeling in hoofdgroepen is grotendeels gelijk. Op de homepage van DeweyDigger zie je de hoofdgroepen. Bovenaan de homepage zie je de hoofdgroepen staan, en midden op de pagina zie je per hoofdgroep een foto die past bij dat onderwerp.

Klik je op de hoofdgroepen bovenaan de pagina, dan krijg je een overzicht van de subgroepen. Klik je één van die subgroepen aan, dan krijg je een overzicht van trefwoorden in de subgroep.
Wanneer je klikt op zo'n foto (ze worden voortdurend gewisseld), dan krijg je een overzicht van de trefwoorden die passen bij die foto.

Die trefwoorden zijn aanklikbaar. Als je dat doet kom je in een nieuw scherm met daarin verschillende zoekmachines. Je kunt dan kiezen met welke zoekmachine je wilt zoeken naar dat onderwerp. Van dat overzicht word ik erg blij omdat er ook een behoorlijk aantal zoekmachines in staan waarmee je kunt zoeken naar wetenschappelijke bronnen. En misschien vind ik dat wel het grootste pluspunt van DeweyDigger: het helpt je om je zoektocht te verdiepen, door niet alleen gebruik te maken van de standaard zoekmachine(s), maar ook eens te kijken wat andere zoekmachines te bieden hebben. Zeker voor leerlingen uit de bovenbouw havo en vwo een bruikbare tool.

woensdag 13 oktober 2010

Welk netwerk heeft een website?

Wie wil weten welke waarde een website heeft, doet er goed aan om na te gaan hoe vaak en wie of welke websites naar die website linken.

Wordt er veel naar een website gelinkt, dan betekent dat dat veel mensen waarde hechten aan de inhoud van een site. Dat zegt nog niets over de kwaliteit van de site: het kan ook zijn dat mensen naar die site verwijzen als voorbeeld van hoe iets niet moet. En er zijn ook website-eigenaren die met anderen vragen om - soms tegen betaling - naar hun site te linken zodat die hoog in de zoekmachineranking terecht komt.

Je moet daarom ook altijd onderzoeken wie naar een website linkt. Zijn dat organisaties van naam en faam of zijn dat privé-websites of websites die weinig of niets met het onderwerp te maken hebben? Op basis van het netwerk van een website kan je aardig bepalen of die website door de kenners belangrijk wordt gevonden of niet.

Het kan heel informatief zijn om eens te onderzoeken hoe vaak en wie er allemaal naar jouw schoolwebsite linken. Dat kan heel eenvoudig door in een zoekmachine het commando link:URL-van-je-school. Je krijgt dan het aantal treffers te zien, en natuurlijk ook welke organisaties of personen een link hebben aangebracht naar jouw website.

De visuele zoekmachine TouchGraph, gebaseerd op Google, is bedoeld om het netwerk van een website zichtbaar te maken. Dat doet hij in de vorm van een afbeelding in plaats van door middel van tekst. De onderzochte website staat in de afbeelding centraal en daaromheen worden gerelateerde websites getoond als bolletje, voorzien van de URL. In de afbeelding worden soortgelijke websites (volgens Google) bij elkaar gezet en afgebeeld in eenzelfde kleur .

Het aantal bolletjes en de getoonde URL's zorgen ervoor dat je een goede inschatting kunt maken van de waarde van een website. Daarbij krijg je een aardig beeld welke onderwerpen verwant zijn aan het onderwerp van die website. Voor een leerling die bezig is met een werkstuk is het de moeite waard om eens te kijken naar die gerelateerde sites: het kan interessante achtergrondinformatie opleveren en/of zijn blik op het onderwerp verbreden.

dinsdag 21 september 2010

Booleaans zoeken

afbeelding van puzzelstukjes van BoolifyOnlangs sprak ik met iemand over de vraag of het nodig is dat we onze leerlingen leren om Booleaans te zoeken: met het gebruik van AND, OR en NOT. Door die operatoren aan een zoektocht toe te voegen kan je je vraag beter specificeren, waardoor je betere hits krijgt.

Ben je bijvoorbeeld op zoek naar informatie over de mythische figuur Atlas, dan kan je natuurlijk zoeken op die term. Je krijgt dan niet alleen informatie over de god Atlas, maar je krijgt ook een heleboel hits over atlassen, en - met een beetje zoeken - ook informatie over de bovenste nekwervel van een mens die ook wel 'atlas' wordt genoemd. En zo zijn er nog wat meer betekenissen van dit woord. Met Booleaanse operatoren kan je precies aangeven welke woorden niet (NOT of -) en welke juist wel (AND of +) moeten voorkomen in de websites die je zoekt, en welke alternatieve woorden daarvoor gebruikt mogen worden (OR).

Het gebruik van die operatoren is redelijk lastig voor wie niet gewend is om in abstracte termen te denken. Een aardig hulpmiddel kan dan de site Boolify bieden: daarmee kan je met puzzelstukjes aangeven wat wel mag en wat niet. Jammer van de site vind ik, dat je niet zelf kunt bepalen hoe de stukjes aan elkaar klikken, waardoor je termen niet op een voor jou logische manier bij elkaar kunt zetten. In een zoekmachine maak je daarvoor gebruik van haakjes (bijv.: atlas +(god OR titanen) -boek -wervel). Probeer dat maar eens in Boolify op een logische manier weer te geven!

Wie zijn leerlingen Booleaans wil leren zoeken, zou ik daarom aanraden om wel gebruik te maken van papieren puzzelstukjes waarop je met geeltjes woorden laat zetten. Leerlingen kunnen daarna de woorden invoeren in een zoekmachine en kijken wat er verandert in het aantal en de kwaliteit van de hits die ze krijgen, wanneer ze iets veranderen aan de operatoren.

Maar zelf denk ik dat je de meeste leerlingen niet hoeft te vermoeien met wat Booleaanse operatoren zijn. In zoekmachines zit het zoeken met Booleaanse operatoren in de optie 'geavanceerd zoeken'. Daarmee kunnen leerlingen - met wat oefenen - als regel prima uit de voeten. Ze maken dan wel gebruik van die operatoren, maar ze hoeven die kennis niet te abstraheren. Voor wie wil gaan programmeren is begrip van Booleaanse operatoren wel handig, maar dat is kennis die volgens mij niet voor iedereen relevant is.

Wat vinden jullie: moeten leerlingen leren met Booleaanse operatoren te werken? Wat moeten jullie leerlingen weten over zoeken met zoekmachines?

dinsdag 29 juni 2010

Spezify: om op ideeën te komen

screenshot van de tool SpezifySpezify is een online tool waarmee je met één zoektocht kunt zoeken naar tekst, afbeeldingen en filmpjes. Op zich vind ik dat niet zo bijzonder: veel zoekmachines bieden een soortgelijke mogelijkheid, ook al moet je daar als regel wel steeds een andere zoekoptie selecteren.

Maar Spezify is anders. Allereerst omdat de hits die je krijgt met Spezify gebaseerd zijn op een aantal zoekmachines: Amazon, Yahoo, Twitter, Digg (een social bookmarking tool), Collecta (voor actuele informatie), eBay, MSN Search (wat volgens mij dezelfde treffers oplevert als Bing), Flickr (voor fotomateriaal), Soundcloud (voor geluiden) en YouTube (voor films). Niet echt de zoekmachines waarmee we in Nederland meestal zoeken dus. Maar Spezify is ook anders omdat alle zoekresultaten bij elkaar in één scherm bij elkaar worden gepresenteerd.

Spezify vind ik zelf niet zo heel geschikt om te zoeken, omdat ik zelden gebruik wil maken van deze combinatie van zoekmachines. Als ik op zoek ben naar actuele informatie maak ik gebruik van blogszoekmachines zoals Google Blogsearch of Technorati of ik doe een search met behulp van Twitter Search. Ben ik op zoek naar videomateriaal dan zoek ik via YouTube, Teleblik of SURFmedia enz. Maar Spezify vind ik wèl een heel leuke tool om te brainstormen over de verschillende aspecten van een onderwerp. Bijvoorbeeld voor een brainstorm over de inhoud van een werkstuk of een website die je wilt gaan bouwen of om een sfeerplaatje te creëren. Spezify legt verbanden waar ik zelf zo gauw niet opgekomen zou zijn en het verleid me om door te klikken en een onderwerp vanuit verschillende kanten te bekijken. Probeer het eens met leerlingen ter voorbereiding op een discussie, als startpunt voor het opbouwen van een betoog waarin ze verschillende standpunten naar voren moeten brengen of als voobereiding op het maken van een kunstwerk. Misschien stimuleert deze wat andere insteek de creativiteit van de leerlingen!

woensdag 9 december 2009

Educatieve games en Google Goggles

Klik hier om naar het weblog Upside Learning te gaanDe post is al een tijdje oud, maar ik zag hem vandaag voor het eerst: de 'Top 100 Learning Game Resources' op het weblog The Upside Learning Solutions Blog. In deze post worden 100 bronnen genoemd op het gebied van educatieve games. De variatie is groot: er wordt verwezen naar Lego Games en naar e-mailgames van Thiagi, naar organisaties die zich bezighouden met onderwijs en organisaties die zich bezig houden met game-onderzoek, naar artikelen en blogs en nog veel meer. Voor wie zich (verder) wil verdiepen in educatieve games is dit een prachtig startpunt!

Maar de rest van het weblog vind ik ook erg de moeite waard. Zo las ik er over het bestaan van Google Goggles, een toepassing die werkt op Android telefoons en waarmee je op internet kunt zoeken naar beelden die lijken op de foto die je maakt met je telefoon. Handig voor als je meer wilt weten over een kunstwerk dat je bekijkt in een museum of een beroemd bouwwerk: je maakt een foto en Google Goggles zoekt naar gelijke beelden en de bijbehorende informatie. Kijk vooral even naar onderstaand filmpje: na een korte introductie over de makers zie je wat Google Goggles kan.

woensdag 21 november 2007

Principes

In dit weblog vertel ik als regel alleen over positieve dingen. Niet omdat ik geen negatieve dingen tegenkom maar omdat ik denk dat je er weinig aan hebt om te horen wat je niet moet doen. Maar deze keer maak ik een uitzondering op die regel. Omdat ik zoveel mogelijk mensen wil waarschuwen voor een nieuwe zoekmachine. En omdat het weer zo'n goed bewijs is hoe belangrijk het is dat we leren om websites goed te beoordelen.

Afgelopen maandag ging een nieuwe zoekmachine online: zoekveilig.nl. Deze zoekmachine presenteert zich als 'Websitekijkwijzer'. Een naam die tot veel verwarring leidt omdat het zo lijkt alsof zoekveilig banden heeft met de Kijkwijzer, maar dat is absoluut niet het geval. Het NICAM, de uitgever van de (zeer betrouwbare en wetenschappelijk onderbouwde) Kijkwijzer meldde daarin het volgende:

Het NICAM, de organisatie achter Kijkwijzer, distancieert zich nadrukkelijk van de gisteren gelanceerde website Zoekveilig.nl die zich presenteert als ‘Websitekijkwijzer’.

Het NICAM heeft geen enkele band met de organisatie achter dit initiatief en is hierdoor ook verrast.

Door het gebruik van de naam Kijkwijzer zal bij het publiek de indruk worden gewekt dat Kijkwijzer hiervoor verantwoordelijk is. Om dit misverstand te voorkomen heeft het NICAM het bedrijf achter Zoekveilig gevraagd de naam ‘Websitekijkwijzer’ niet meer te gebruiken, noch op de eigen website of in de communicatie rond deze service.
De zorgen van het NICAM zijn terecht: de zoekmachine zoekveilig.nl blijkt uitermate dubieus te zijn. Gistermiddag al berichtte Henk van Ess (specialist op het gebied van zoeken, vinden en beoordelen op internet) hierover en gisteravond ging Justine Pardoen van Mijn Kind Online er verder op in. Leugens.nl had iets meer tijd nodig maar kwam dan ook vandaag met een uitgebreid verslag over zoekveilig en de daaraan verwante website zoekkinderen.nl.

Zoekveilig.nl en zoekkinderen zijn beide commerciële initiatieven. Niets mis mee, maar wie via die zoekmachines zoekt kan op allerlei dubieuze sites terechtkomen. Het is geen enkel probleem om via zoekveilig.nl op een pornosite terecht te komen. Usarchy, een weblog over usability en marketing, heeft ontdekt dat als je in zoekveilig.nl zoekt op het woord 'winkel' 10 resultaten worden getoond, waarvan er geen enkele een echt zoekresultaat is. Alle 10 treffers zijn gesponsorde links van Yahoo. Bijzonder is ook het subdomein van de site zoekveilig.nl: dat is erotica.zoekveilig.nl. Ik heb er niet gekeken maar ik kan me wel voorstellen wat ik daar aantref!

Kortom: een erg foute zoekmachine. Dat er dit soort zoekmachines bestaan vind ik niet erg, maar wel dat ze doen alsof ze het internetten veiliger maken. Zoals Justine mij mailde: veilig internet is voor sommige mensen handel... ;-(

Dit soort zaken maakt voor mij weer zonneklaar hoe belangrijk het is dat we met zijn allen mediawijs worden. Want in de tussentijd is het persbericht van zoekveilig al in vele kranten en op internet zonder correctie gepubliceerd en de site is zelfs gelanceerd door een prof van de Erasmus Universiteit. Hij heeft overigens - achteraf - toegegeven het product - veilig zoeken voor kinderen - niet goed te hebben bekeken. Op de site van Henk van Ess zegt hij: 'Als ik dit vooraf had geweten, dan had ik het niet gedaan.'.

Laten we vooral onze leerlingen de instrumenten in handen geven om kritisch om te gaan met informatie. Niet alleen voor nu, maar ook als ze straks prof zijn ;-)

N.B. Ik heb met opzet alleen de naam genoemd van de zoekmachine daar geen linkje achter geplakt. Elke link op het web vergroot de vindbaarheid van deze site, en daar wil ik met mijn weblogje zo min mogelijk aan bijdragen!

dinsdag 22 mei 2007

Tijdlijnen in Google

Naar Google Experimental LabsIk las op Voelspriet dat Google weer een aantal nieuwe dingen heeft: Google Experimental waarmee je tijdlijnen kunt toevoegen aan je search, je kunt zien hoe Google bezig is om te zoeken met door Google verzamelde verwante termen, en met zoeken binnen een bepaald soort publicaties. De laatste twee functionaliteiten vindt ik wel handig, maar niet echt vernieuwend. Zoeken met behulp van verwante termen kan al veel langer met andere zoekmachines (zoals qksearch, Clusty en natuurlijk verschillende variaties op de Aquabrowser), en voor het zoeken naar verschillende soorten publicaties kun je verschillende zoekmachines gebruiken, bijv. Technorati en IceRocket om te zoeken naar informatie in blogs.

Het werken met tijdlijnen vind ik wel een interessante ontwikkeling. Je kunt hiermee in één oogopslag zien wat belangrijke jaartallen zijn. Het lijkt mij dat die functie vooral interessant is als je op zoek bent naar biografische informatie, maar ik kan me indenken dat het ook handig is als je zoekt naar gebeurtenissen die vaker voorkomen, zoals aardbevingen of orkanen. Je kunt een tijdlijn zoeken via Google Experimental Labs, maar je kunt ook in de gewone zoekmachine het commando view timeline toevoegen aan je search, bijv. "aletta jacobs" view:timeline. Natuurlijk kun je de informatie ook uit de teksten zelf halen, maar om snel een indruk te krijgen werkt dit veel sneller. Vooral voor het maken van werkstukken lijkt me deze nieuwe functie van Google daarom een aanwinst.

maandag 14 mei 2007

Toegevoegd: zoekmachine

naar de zoekmachine voor games en onderwijsIk heb aan mijn weblog een zoekmachine toegevoegd. Gemaakt met Google. Met deze homemade zoekmachine kun je zoeken in door jouzelf gekozen sites. Het leek me wel handig om met één druk op de knop alle weblogs over games en onderwijs te die ik volg te kunnen doorzoeken. Misschien vinden jullie het ook handig, vandaar dat ik de 'zoekmachine' in dit weblog heb opgenomen.

Je kunt niet alleen bepalen welke sites je wilt doorzoeken in je eigen Google-zoekmachine, je kunt op allerlei andere manieren je zoekmachine verder vormgeven. Je kunt een groep websites in een keer toevoegen, annotaties toevoegen of een datum, aangeven als hits van een bepaalde site bovenaan moeten komen, termen om searches te verfijnen, en er is een mogelijkheid om samen met anderen je zoekmachine samen te stellen.

Ik heb het allemaal nog niet echt getest, maar het lijkt me reuze handig met name voor het onderwijs. Zo kan elke sectie een eigen zoekmachine maken die alleen zoekt in de door de sectie geselecteerde sites. Je kunt dat als docent zelf doen, maar je kunt er ook een opdracht van maken voor de leerlingen.

Ik ga eerst maar eens proberen hoe mijn eigen zoekmachientje bevalt. Er zijn nog wel wat zaken die ik wil uitzoeken. Ik heb bijvoorbeeld mijn FURL-archief met (gratis) educatieve games opgenomen als één van de sites, maar ik krijg daaruit maar heel beperkt resultaten. De meeste resultaten zijn xml-pagina's, maar soms ook weer niet. Komt dat omdat niet alle pagina's van mijn FURL-archief door Google zijn gevonden? Of is er wat anders aan de hand? Wie heeft hier het antwoord op? Verder hoor ook graag wat jullie vinden van deze feature. Handig? Of is het toch makkelijker om te zoeken met een gewone zoekmachine?

maandag 11 december 2006

Edurep

Afgelopen donderdag was ik bij de bijeenkomst Eduexchange. Daar werd uit de doeken gedaan hoe inmiddels op allerlei fronten gebruik wordt gemaakt van de (internationale) standaarden die zijn ontwikkeld voor het metadateren van leermaterialen. Door leermaterialen te metadateren (zeg maar: van een titelbeschrijving te voorzien), kunnen die materialen terugvindbaar gemaakt worden. Voor het beschrijven, opslaan en beschikbaar stellen van leermaterialen wordt gebruik gemaakt een aantal standaarden die worden onderhouden door de Vereniging Edustandaard. Door Kennisnet en SURFnet zijn binnen de Educatieve Contentketen met een aantal partijen afspraken gemaakt om de door hen geproduceerde of geselecteerde leermaterialen volgens deze standaarden te beschrijven en ter beschikking te stellen.

Vanmiddag wordt Samenzoeken.nl gelanceerd. Samenzoeken.nl is een zoekmachine die gebruik maakt van deze standaarden. Met deze zoekmachine kun je met één druk op de knop zoeken naar leermaterialen in Davindi van Kennisnet, het Leermiddelenplein van SLO, en de Programmamatrix van het APS. Anders dan bij gewone zoekmachines kun je hier niet alleen zoeken op onderwerp, maar je kunt ook aangeven naar welk soort materialen je op zoek bent, op welk niveau, op vakgebied enz. Een deel van deze selectie doe je via je persoonlijke zoekprofiel, waardoor je maar éénmalig hoeft aan te geven wie je bent, en je alleen die resultaten terugkrijgt die vallen binnen jouw vakgebied en het onderwijstype waarin je werkzaam bent. De overige selectiecriteria bepaal je per search.

Laat ik beginnen om te zeggen dat ik blij ben dat binnen het onderwijs deze afspraken gemaakt zijn en dat er nu ook actief mee gewerkt wordt door diverse partijen. Ik denk dat we hiermee een stap verder kunnen komen in het samen maken en beschikbaar stellen van leermaterialen (al dan niet tegen vergoeding). Er zijn ongelooflijk veel goede leermaterialen gemaakt door allerlei mensen, maar ik merk dat die vaak maar door een beperkte groep mensen worden gevonden. Door standaarden te ontwikkelen wordt het mogelijk om ooit al dit soort materialen centraal te ontsluiten, en voor iedereen terugvindbaar te maken.

Maar ik heb nog wel een paar vragen bij de manier waarop de materialen nu via Samenzoeken ter beschikking worden gesteld. Ik realiseer me dat we nog helemaal aan het begin staan van de ontwikkeling, maar ik zou de ontwikkelaars van Samenzoeken en de Educatieve Contentketen nog wel een aantal zaken ter overweging mee willen geven.

Om te beginnen is Samenzoeken nu vooral gericht op docenten. Je kunt in je zoekprofiel wel aangeven of je leerling bent of docent, maar in de metadata wordt hiermee - voor zover ik kan zien - niet echt rekening mee gehouden. Ik zou bijvoorbeeld als leerling wel willen weten of het toetsmateriaal dat ik heb gevonden ook geschikt is om zelf je kennis te toetsen (zitten er antwoorden bij), of dat er bruikbaar (rechtenvrij) beeldmateriaal beschikbaar is. Op veel plaatsen in het onderwijs gaan stemmen op om leerlingen (mede-)eigenaar te maken van het leerproces. In dat kader lijkt het mij verstandig om te kijken in hoeverre de gehanteerde standaarden die mogelijkheid kunnen bieden, of om de keuze te maken deze service in principe alleen te richten op leerkrachten/docenten.

Daarnaast maak ik me zorgen over de inhoudelijke ontsluiting van de leermiddelen. Op dit moment is het nog niet mogelijk voor iedereen om binnen de Educatieve Contentketen zelf leermateriaal te ontwikkelen en ter beschikking te stellen. Je moet daarvoor eerst toegang krijgen tot Samenmaken.nl, en dat kan alleen na toestemming van Kennisnet en/of SURFnet. De content op sites als YouTube, Flickr, FURL enz. wordt ontsloten doordat de gebruikers zelf trefwoorden toekennen. De keuze van die trefwoorden is vrij. Door de grote hoeveelheid gebruikers van deze sites ontstaat echter min of meer vanzelf een standaard welke trefwoorden gebruikt worden. Bij de toekenning van metadata voor het onderwijs heeft de maker van de content ook vrijheid in het toekennen van inhoudstrefwoorden aan leermaterialen. Ik denk echter dat dit binnen de Educatieve Contentketen nog onvoldoende materiaal is ontsloten om dit soort 'massa-standaarden' te ontwikkelen. Ik denk dat er een keuze gemaakt moet worden wat we willen: willen we aansluiten op web 2.0 en zoveel mogelijk materiaal opnemen in de Educatieve Contentketen, of willen we liever zelf het heft in handen houden en regie voeren over wat opgenomen wordt en hoe het inhoudelijk wordt ontsloten? Beide opties hebben voor- en nadelen. Zoveel mogelijk betekent dat er geen kwaliteitscontrole mogelijk is, en als er niet actief gecollectioneerd wordt kan het zijn dat er gaten ontstaan in de collectie. De regie voeren heeft als voordeel dat je kwaliteitscontrole kunt uitvoeren, maar daarmee mis je waarschijnlijk prachtig leermateriaal en je dwingt gebruikers om te werken volgens door 'experts' bepaalde trefwoord(system)en.

Verder zou ik, aansluitend bij web 2.0, in overweging willen geven om niet alleen een ranking door de massa toe te voegen, maar juist de persoonlijke mening van de gebruikers aan de in de database opgenomen leermaterialen toe te voegen. Ik vind het zelf erg prettig dat het bij veel web 2.0 content mogelijk is om in de gaten te houden wat mensen binnen jouw eigen netwerk te vertellen hebben over bepaalde zaken. Je kunt de mensen die werken binnen jouw vakgebied of die dezelfde interesses hebben als jij volgen via hun weblog, je kunt kijken welke sites zij belangrijk vinden via tools FURL of Del.icio.us of bijhouden wat ze hebben gezien of gedaan via Flickr of YouTube. Voor mij zou Edurep zeker meerwaarde krijgen als ik op de een of andere manier zou kunnen volgen welke leermiddelen de mensen in mijn netwerk aanmerken als goed of interessant.

Tot slot wil ik graag aan mijn verlanglijstje voor Edurep toevoegen de mogelijkheid om via RSS-feeds (en/of via mail) op de hoogte gehouden te worden als er nieuwe leermiddelen binnen mijn interessesfeer worden opgenomen in de databases die door Edurep worden bezocht. Want ook al maak ik me nog zulke goede voornemens om regelmatig te kijken of er iets nieuws te vinden is, de praktijk wijst uit dat dit soort goede voornemens op den duur slijten. Met een RSS-feed bij je persoonlijk profiel krijg je bericht zodra er iets nieuws is gevonden, en op die manier word je dus keurig geïnformeerd over nieuw toegevoegde leermiddelen.

Ik heb geen kant-en-klare antwoorden op deze overpeinzingen over wat moet, zinvol en haalbaar is, maar ik denk wel dat het zaken zijn waarover in de komende periode besluiten genomen moeten worden.